Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 261

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 261

Derde deel

2 minuten leestijd

XXXI. HOOFDSTUK

ZOND.

moeten toespreken, op gevaar

dat

af,

nog verborgen zonden bedekt,

hij

öf dat zijn boetvaardigheid een Ezaus-beroiuv

Woord

het tegen Gods

zij.

nu mag

Dit

niet,

wijl

zoo blijft er dus Diets anders over,

En

zeer zeker de vergeving der zonden te verkondigen, maar voor-

om

dan

indruisclit.

263

III.

-

waardelijk, onder beding van boete en geloof.

nu maakt, dac de

Dit

zeker

elk

kerk,

der kerk persoonlijk en afzonderlijk zou

lid

uw

wet. Leer daarin als in een spiegel

uw

nu deze

God

zonden

verfoeit,

dan verkondig

keert,

ik

omdat

En

indien

naam, dat ge vergeving van uw

zijn

dienen? Voor zulk een afzonderlijke

dit

behandeling van de enkelen kan alleen reden bestaan,

zonden

Gods vurige

is

eigen zonden kennen.

en oprechtelijk in geloof en boete u tot

u in

zonden hebt." Maar waartoe zou

zijn

kunnen behande-

zou kunnen zeggen: „Alzoo

len; en tot een iegelijk apart

ge

ze deze Sleutelmacht uitoefent, zeer

waar

bijaldien

eenieder

één voor één moet belijden. Maar dit wil Calvijn juist niet,

het niets baat,

of de boeteling al tien zonden belijdt, zoo

hij

nog

>

tien andere zonden, of niet merkt, öf opzettelijk verbergt. Uit dien hoofde tegen alle opsomming van enkele zonden, en acht dat de kerk is hij

veeleer

geroepen

ontdekkend

is,

te

zoodat

werken,

de onderscheidene

,

personen hun zonden veel dieper leeren inzien, dan ze aanvankelijk deden. Feitelijk komt dus alles hier op neer, dat de kerk allen leden, die tot haar

den schat des Heeren aanzegge en ze zelven tot inzicht van

behooren,

hun zonde brenge Heeren,

dat

alle

om

;

daarna hun aan

hun zonden vergeven

hen kan gesmaakt

te

zeggen in den

dezelfde te

brengen,

hare

al

aan

zoo

is er

en dat deze vergeving door

zijn,

geen reden denkbaar,

maar werkt het

zijn,

de echte soort

indien

om ze

aan een

allen geheel

iegelijk afzonderlijk

veel krachtiger en beter, indien de kerk telkens

om hun

leden saamroept,

al

hun zonden

te zeggen, dat alzoo

vergeven

des

worden, bijaldien ze oprechtelijk deze gewisse belofte

Gods gelooven. Daar nu echter deze tweeledige boodschap voor is,

Naam

te

saam

in den

Naam

des Heeren

staan, en dat alle deze zonden

het geloof en de boetvaardigheid in

hun

hun hart van

is.

Aldus brengt dan Calvijn de oefening van de Sleutelmacht

Woords

kapel naar den Dienst des

uit de Biecht-

over, en legt daarbij al den

nadruk op

het voorwaardelijk karakter van de uitspraak der kerk. Of die onderstelde

voorwaarde aanwezig beslissen.

Hartenkenster

hoe door deze

Wet

en

den

Naam

bezit;

des

niet,

de kerk nooit.

is

opvatting

Evangelie,

zakelijkheid

weet de kerk

is,

maar moet de

En

Heeren

men dan

tevens

van den Dienst des Woords de prediking van

telkenmale dat ze plaats niet

zoo gevoelt

boeteling zelf

is;

grijpt,

een innerlijke nood-

maar een spreken in en hoe het hoofddoel van den Dienst moet

maar onderwijs en

leering,

"*

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 261

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's