E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 345
Derde deel
ZOND.
mensch
diepe overtuiging, dat de
moet weerstaan, neiging nu
om
HOOFDSTUK
tiiets
en God
richting
is,
en alzoo elke poging
iets toe te
voegen. Deze
mag
en het
te loven,
waar deze min
meer
of
niet
lijdelijke
de schim van Pelagius weer duchtig rondwaart en
optrad,
niet
alles
wraken, veeleer hooglijk
voorbijgezien, dat in landen en kerken,
347
II.
aan het werk Gods onzerzijds
niet te
is
XXX IL
de eere Gods in het werk der zaligheid weer geheel achter het belang der
om
menschen,
De
worden,
zalig te
het stuk der zaligheid
werk Gods en het werk der menschen
reformeerde
kerken,
in
metterdaad de diepste tegenstelling, die zich in
is
het heilige denken laat
terug getreden.
is
tegenstelling tusschen het
en het
;
dat
de onvergankelijke eere juist der Ge-
is
het volst en klaarst en zuiverst voor de
zij
al-
machtigheid en onwederstandelijkheid der goddelijke genade, zonder eenig des menschen,
toedoen
Augustinus'
belijdenis
geboren,
's
dit
menschen hand toen
heeft
het Pelagianisme
nu werkt
de
gelegd,
de eere Gods in het Dit
op
punt weer ongemerkt
in
Semipelagianisme
Rome weer drijven van Rome
en in de practijk althans, was de zaligheid
teruggevallen geheel in
opgekomen. Onder Rome was de kern van
zijn
gelegd. Uit protest tegen dit
Gereformeerde kerk de
aan den wortel van
bijl
en zonder eenig toegeven of eenige aarzeling,
werk der verlossing volstandig en blijmoedig beleden. Gereformeerde kerken na.
in de
Vandaar, dat ge
om
goede Gereformeerden steeds de neiging zult ontdekken, 's
menschen
zij
iets te laten glippen,
bij
alle
veeleer van
dan dat op de volkomenheid van de
Gods in het werk der verlossing, ook maar
eere
bij
iets
worde afgedongen. En
overmits het nu op velen den indruk maakt, alsof het derde deel van den
Catechismus toch min of meer dien weg
opleidt,
verbeurde het uit mis-
verstand veler sympathie.
Onze Gereformeerde kerken hebben
Synode
Nationale
de
woordelijkheid
een
Dordrecht,
van het genadewerk
voorstelling
heilig leven
te
te
bleef.
geven,
Van
te geven, dat toch
de zedelijke verant-
en de prikkel tot een
het diepste probleem des levens poogde ze
dit
toe.
En zonder nu
te zeggen, dat
machtig probleem gesproken
toch staande houden, dat ze nog
altijd
is,
blijven
geen zuiverder, geen meer
doende noch ook meer Schriftuurlijke oplossing
van
vraagstuk
dit
volbe-
is.
Doch deel
name op zulk een
en voegde juist daarom aan deel één en twee
hiermee het laatste woord over
kend
om
een poging gewaagd,
nog een derde deel in heur Catechismus
we
haar optreden, en met
van den mensch ongerept stond
werken
oplossing
bij
om
dit in te zien, is het uiteraard noodzakelijk, dat
opvatte in den zin,
niet geschied.
Xoch
waarin
zij
in de predicatie,
het bedoeld hebben.
men
En
dit
derde
juist dit is
noch op de catechisatie. En vandaar
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's