E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 510
Derde deel
.
512
XXXYVb. hoofdstuk
zoxD.
II.
TWEEDE HOOFDSTUK. Hij heeft ons gemaakt, en niet wij.
Ps. 100:
Het eerste Gebod
de primordiale ordinantie voor het bewuste creatuur
is
wordt met opzet zoo kort en bondig uitgesproken,
Dit
4.
om
het onder-
scheidend en kenmerkend karakter van het eerste der Tien geboden scherp
maar
te bepalen;
Natuurlijk
met
Dit heeft het
alle
gebod gemeen. Hierin echter
creatuur met bewustzijn
Het kan dus
is.
ze
zonder het
omdat God
om
voortvloeit düSiruit,
beivust creatuur, of wilt ge
te
maken. Alle
Want wel hebben ook
den Schepper
een
dan voor de men-
gebod niets
dit
andere creaturen vallen buiten deze ordinantie.
doen
onder
het van alle andere ge-
niet anders gelden
schen en engelen. De verdere natuur heeft met
andere creaturen de besteraming,
is
Gebod noodzakelijk
dit eerste
mensch een creatuur en wel een
de
alle creatuur
ligt dus het bijzondere van dit eerste Gebod niet
boden onderscheiden, dat dat
toelichting.
gebod voor een creatuur, en staat
Daarin
gebod.
allerlei
daarom
eischt
is alle
alle
te verheerlijken en dit
weten, krachtens een natuurv/et, met zekerheid,
te
De zon
zelf het zoo beschikt.
geeft
Gode eere eiken morgen
dat ze opgaat, eiken middag dat ze haar luister uitstraalt en eiken avond als ze
wegduikt onder de kim: maar
ze als
met
eigen hand voort.
we
Hier daarentegen hebben
het te doen met het gebod, dat het bewuste
maar
creatuur raakt, dus ook de engelen; die voor
Catechismus,
menschen en
de menschen beperken. En nu zegge
zijn
;
want
op
vloeit
aankomt,
uw
niet
rechtstreeks
niet,
dat zin
geschreven, tot
maar
er
wordt
wordt,
uit
zijt.
het
Bij alle
feit
zelf,
gebod bedoelt;
hij
het
waar
dat ge een schepsel en een
andere geboden wordt
niet opzettelijk
mee
dit
wel onder-
gerekend. Als het heet: „Gij
persoon tot wien dat ge-
een bewustzijn heeft. Anders toch kon
kunnen hebben, om
is
andere geboden, maar juist dat eerste gebod
zult niet stelen," onderstelt dit natuurlijk dat de
zegd
is
dat toch eigenlijk alle ge-
bewustzijn wegdenkt; maar, en dit
die
voort
schepsel met bewustheid steld,
niet voor engelen
men
wel waar, en niet één der geboden heeft natuur-
dit is
slot of zin, zoo ge
het
dat wy, naar den aard van den
voor het bewuste creatuur, of voor den mensch als bewust wezen
boden
gegeven lijk
doet ze onbewust; God zelf drijft
dit
hij
niet weten,
wat
zou geen begrip hebben van eigendom; en geen zich het
eigendom van
zijn naaste toe te eigenen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's