E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 203
Derde deel
XXXa. HOOFDSTUK
ZOND. siibstantia
et
V.
205
sangunem convertuntur", w.
vini in
z.
w. „het
spreken der woorden waardoor de verandering van het brood
van den
en
andering
wijn in het bloed van Christus plaats grijpt."
komt,
gelijk
we
is
het
uit-
het lichaam,
in
En
deze ver-
vroeger aantoonden, hierop neer, dat alsnu in
elke korrel brood en in eiken droppel wijn ten slotte de gehee Ie Christus
naar
en lichaam niet alleen,
ziel
Er wordt
is.
overeenkoynt
niet
met de
maar ook naar
zijn
Godheid aanwezig
geleerd dat het brood overgaat in een substantie, die
substantie van Jezus' lichaam, noch ook dat de wijn
overgaat in een substantie die overeenkomt met de substantie van Jezus'
maar
bloed;
dat het brood en de wijn, en elk deeltje van dit brood en
van dezen wijn
wordt omgezet
overgaat en
zoodat,
Christus;
in geheel
na de zegenspreuk, aanwezig
is
den werkelijken
de Christus zelf
met
heel zijn lichaam, en dus ook in al zijn lichaamsdeelen, en evenzoo
geheel zijn
met En overmits nu deze dusgeeiken morgen op minstens 100.000
en zijn volmaakte Godheid.
ziel
naamde
offerande
plaatsen
wordt opgedragen, en
van
de
Mis
elke Mis (na de separatie) de geheele
bij
Christus in elk korrelke van den ouwel en in eiken druppel van den wijn
zou
zijn;
en
dit
korrelkens en druppels toch minstens honderd
aantal
komt men
telkenmale bedraagt;
morgen behalve de Christus
alzoo tot de voorstelling, dat er eiken
den hemel
die in
zit,
plaatsen eenige millioenen Christussen aanwezig
moeten wezen met den éénen Christus Dit
geen
is
uitgesproken,
duidelijk
van den Christus
wezenlijk en werkelijk"' plaats grijpt.
maar
is
verplicht, op deze
te constateeren, dat,
mond en
's
worden;
tot zich
Men
woorden de
in brood
en wijn „waarlijk,
heeft dus het recht niet alleen,
volle
klem
te leggen,
en derhalve
volgens de theorie van Trente, wezenlijk en werkelijk
eiken morgen meerdere millioenen gecreëerd
van Trente heeft het
Concilie
dat de aanwezigheid zoo van het lichaam en de
van de Godheid
als
ziel
indentiek
den hemel.
in
Immers het
overdrijving.
bovendien nog op andere zijn, die allen
daarna
door
hchamen met handen en voeten
enz.
worden genomen; en dat
ditzelfde
wonder zich
's
middags
avonds, en zoo eiken dag herhaalt.
Hiertegen nu
komen we
in verzet, niet
omdat we het wonder verwer-
R
maar omdat dit wonder niet door de Heilige Schrift betuigt is; omdat het volgens alle beginselen van ons bewustzijn onbestaanbaar is. Van het eerste punt is dusver genoeg gehandeld; we komen daarom thans tot het tweede. En dan zij gezegd, dat de almacht Gods
pen,
en
20.
niet daarin bestaat, dat
kan opkomen. De een
•
de priesters en de geloovigen met den
God
alles
doen kan, wat in ons menschelijk brein
Schrift zegt duidelijk, dat God zelfs iets niet kan, wat mensch en een engel wel kunnen. „God kan zich zelven niet ver-
3/
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's