Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 294

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 294

Derde deel

2 minuten leestijd

ZOND.

296

XXXI. HOOFDSTUK VIL

weggenomen, en ons rechtstreeks met de apostelen zelven in aanraking gebracht, Zij, en zij alleen hadden die extra-ordinaire macht van Jezus ontvangen.

en

Zij

alleen

zij

kunnen

XX

Matth. XVI, Matth. XVIII en Joh.

^

nemen schen

ze

die extraordinaire

Ook

van onze zielen uitoefenen.

ook

zichte

dus

op-

woorden

uit

letterlijk op;

maar we

alleen

ze uitsprak, en schuiven er onzerzijds niets tus-

Jezus

gelijk

macht dus ten

wij vatten de

in.

nu

Hierbij

hoe weinig werktuigelijk de apostelen

opmerkelijk,

het

is

zelven deze hun van Jezus verleende

te

als

om

in

aan een bepaald persoon, een bepaalde door

een bepaald geval,

gane zonde

macht hebben opgevat. Zoogoed

ge dat de apostelen deze hunne macht gebruiken,

nergens merkt

vergeven. Het eenige voorbeeld

nu

komt voor

waar Paulus

schrijft:

„Dien

want zoo

ook

vergeven heb, heb ik het vergeven

ik

iets

gij

iets vergeeft,

hem

be-

in 2 Oor. II: 10

dien vergeef ik ook;

om

uwentwil,

voor het aangezicht van Christus, opdat de Satan over ons geen voordeel

hebbe"; en evenzoo vinden we slechts één voorbeeld van zondenbinding

;

in 1 Cor. V: 3—5. Daarentegen

de doorgaande toon, waarin de apostelen

is

spreken, niet deze, dat ze hun apostolische macht gebruiken,

om

één be-

paalde zonde te vergeven of te houden, maar veeleer, dat ze hun macht

toepassen op de absolute vergeving der zonde aan een iegelijken zondaar, w.

d.

dat ze

z.

tus in

En

tot

een

verklaren deel te hebben aan de vergeving die Chris-

verworven

bloed

zijn

voor God.

hem

heeft,

zelfs dit laatste

doen

maar

veel

enkel

persoon,

hem

en zij

niet

alzoo rechtvaardig spreken

dan zeer zelden met opzicht

meer met opzicht

tot

den geheelen

kring van hen, die den Heere Jezus hadden aangenomen. Dit ^

Wie en

Het *'

tel.

dus het eigenlijke punt, waar

is

wettisch rekent, somt en telt zijn zonden op; zoo en zooveel zonden;

moet nu voor elke aparte zonde een afzonderlijke vergeving hebben van de Biecht. De apostelen daarentegen komen op den wor-

stelsel

De zonden

plant,

die

zijn

wortel,

wrange vruchten niet op aan,

elk blad derlijk

om

voor hen saamhangend. De zonde in ons hart

stam en takken, en aan

heeft.

En nu komt

bij

is

een

takken de bladen en de

de vergeving der zonden er

van dien zondestam en elke vrucht van dien zondeboom afzon-

maar op de

niet gebaat zijn liep.

pieele vergiffenis,

waarmee God u

vergiffenis

die

zich

afsnijding

van den wortel der zonde.

met een vergeving der zonden,

Wat

bepaalde zonden

een

het

die

stuk voor stuk elke zonde afzonderlijk te vergeven, en

af te snijden,

Ge zoudt "^

grondverschil op neerkomt.

al het

u baten en redden kan, dit

is

zondig bestaan van

dan vanzelf uitstrekt over

die over enkele

alleen een princi-

uw al

hart vergeeft;

wat

uit

dien

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 294

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's