E voto Dordraceno - pagina 252
ZONDAG
240
X.
HOOFDSTUK
V.
koninklijke wil, en die onzichtbare wil, werkt ongezien door en is de grondoorzaak van alles wat dag aan dag plaats grijpt. Zulk een Koning in het Paleis zijner Schepping is nu de Heere. Ook in die schepping bestaat rad noch veer, spil noch cylinder, stoom noch
maar
electrische drijfkracht,
zulk een element,
is
deze elementen en
alle
avond op het bevel dat der Schepping.
maakt
is,
elk element in die Natuur, en elke kracht in
Gods
een dienaar, een knecht
in zijn paleis;
en alle
deze krachten wachten eiken morgen en iederen uit zijn
mond
aan de
uitgaat, tot
En omdat deze Koning nu
uiterste einden
wijsheid en doorzicht vol-
in
en dus alle ding dat geschieden moet doorgedacht heeft, heerscht
Schepping orde, en
er in dit Paleis zijner
was, en die wil
is
de wet waardoor
wil
zijn
is
en
wat
blijft
die
deze elementen en krachten zich
alle
bewegen.
Van een
ingrijpen in den loop der dingen
loopt door een kracht buiten God,
Gods
loopt door
wil,
maar
is
dus geen sprake, want niets
alles
loopt eeniglijk gelijk het
en zoodra Hij ook maar één oogenblik ophoudt het
alzoo te willen, loopt het niet meer; of zoo Hij
het anders wil,
loopt
het anders.
Het Wonder kan en
mag dus
nooit voorgesteld als een stoornis, of een
dan dat God op een gegeven oogenblik zeker Hem gewild was. Een steen valt uit uw hand alleen doordien God wil dat die steen, eenmaal losgelaten, vallen zal, en dan trekt Hij zelf dien steen naar beneden; maar wanneer God morgen wil, dat een steen, dien uw hand loslaat, niet valle dan ingrijpen, het
is
niets anders
ding anders wil, dan het dusver door
valt hij niet,
Wanneer trekt
zelf
gij
u
eenvoudig omdat
op de zee in
wilt loopen, wil
op de zee wandelden, wilde
Petrus,
macht
niet
God
meer
God
deze diepte naar beneden;
de zee hen dragen zou en zelfde
God hem
dat
naar beneden
gij
maar toen
die zelfde
zelf
zelf
God
trekt.
er inzinkt en
Jezus,
even
vrij
Hij
en straks
machtig dat
hield én Jezus én Petrus
met
die-
zijns willens op.
de Almachtige, de Alwillende, de Alwerkende God. Hij spreekt en het is er, Hij gebiedt en het staat er. Niets weerstaat zijn wil. Voor Hem bestaat er dus geen wonder. Als de Schelfzee doorvloeit in haar Hij
is
bedding, bruisen haar wateren door Gods kracht, en zoo die kracht Gods
hen een oogenblik niet liet bruisen, zouden ze stil zijn. Maar ook als Hij wil dat de Schelfzee als een muur van wateren op zal loopen, doet ze dit evenzoo, en niet anders, door dienzelfden wil en diezelfde kracht van onzen God. Het Manna dat in de woestijn regende, is niets wonderlijker
voor Hem, dan de tarwe die Hij door
aarde laat groeien. Al het wonderlijke
zijn
ligt alleen
wil
in
en kracht uit de
ons besef en
in
ons
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's