Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 211

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 211

Derde deel

2 minuten leestijd

,

ZOND. XXX?). HOOFDSTUK

213

I.

Communie

en van de overige echte of schijn-Sacramenten alleen de en gemeenschappelijk wierd bediend, kon het

bliek

om

moest zich de geheele eeredienst

maal saamtrekken geboren was,

;

en ten

niet anders, of allengs

het Sacrament van het heiligAvond-

toen uit het heilig

slotte,

al zijn stralen in die

pu-

Mis als

in

Avondmaal de Mis

hun eigen brandpunt doen

samenvallen. Xiet ter Misse gaan, gold daarom voor gansch goddeloos

en

zijn,

minstens ééns per jaar

niet

te

als teeken

van

goddelooze verhardheid. In die dagen kw^am dus lang niet ieder

gansch

onder de prediking. Onder de prediking al

communiceeren

'"

te

nog eenigszins

wie

stelde

prijs

op

kwamen veeleer de minsten. Maar den naam van een godsdienstig

mensch. ging af en toe de Mis bijwonen. En wie nog niet aan

nam

vrucht vervreemd was,

Paschen,

althans eens op het jaar, en dan meest

aan de Communie of het Avondmaal. Thans

deel

alle gods-

is

met

dit in

'>

de

Protestantsche kerken op het vasteland van Europa niet meer zoo. Thans zult

ge

een

in

kerk van 10,000 zielen, zoo alles wel loopt, allicht 6000

personen vinden, die geregeld

van het Avondmaal

ter

kerk komen, maar het geregeld bezoek

zal zich in zulk een

kerk niet

van 600 verheffen. Wie gansch ongodsdienstig ganschelijk

en

maal,

noch onder de prediking, noch

ter kerk,

laatste

boven het

band

die

hem aan

cijfer

gaat tegenwoordig

de kerk bindt,

bij

het Avond-

gemeenlijk de

is

^

En wie daaraan nog wel meedoet, maar zonder diep gaat wel nu en dan naar de prediking, maar wordt nooit aan Avondmaal gezien terwijl de schare van hem die geregeld èn

Doop van te

niet

de

licht

leeft

zijn kind.

leven,

het heilig

;

de prediking bijwonen, èn aan het heilig Avondmaal deelnemen, zeer slonk.

Maar zoo nu was het

in de eerste tijden

na de Reformatie

niet.

Het

toenmalig geslacht, dat opgegroeid was onder de Roomsche hiërarchie,

Avondmaal

te

malen per jaar

maal

te

gaan,

wat

vastelijk

minstens eens per jaar ten

en zelfs was het regel in die dagen,

te doen.

De schuchtere bedenking,

om

niet

om

dit

meer-

aan het Avond-

durven gaan, was in die eerste tijden nog zoo goed als niet be-

kend. Veeleer had er

om

nog de usantie mede,

bracht

al te

men met

het tegenovergestelde te worstelen.

gemakkelijk overheen, en niet zelden zag

men

Men

liep

keer op keer

Avondmaal mannen en vrouwen verschijnen, die, ja wel met de Reformatie meededen, maar die toch op allerlei wijs toonden, er met hun hart niet bij te zijn. Dit noopte toen onze kerkeraden, en onze

aan het

heilig

toenmalige uitgaan,

af te

godgeleerden,

en

om

telkens een

waarschuwende stem

de zondaars, ook die hun zonde in het verborgen bedreven,

manen, dat ze door ontheiliging van

zielen niet bezondigen

het heilig

te laten

Avondmaal

's

Heeren Verbond toch hun

mochten en voorts hen, wier zonde openbaar was, van ;

te

weren.

-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 211

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's