Uit het Woord - pagina 36
Stichtelijke bijbelstudiën. Tweede bundel.
33 Parizeer in Jezus' dagen alleen neer kon zien op het onheilige zwijn, dat als het dier der vervloeking zijn heilige erve bezoedelde. God zij lof! Tot dat uiterste komt het niet veel. Maar reeds het eerste begin van deze geestelijke kwelzucht is zoo verfoeilijk. Zie toch een ieder toe op het eigen hart! De kiem van dat verfoeilijk
kwaad wordt in den bodem van
Wee hem,
elks hart gevonden.
die het uit laat spruiten!
Nooit gruwelijker wordt het bloed van den Zone Gods vertreden, waar men zijn naam noemen durft, en toch het gekrookte riet
dan
verbreekt.
IX.
GEESTELIJKE GEWETENLOOSHEID. Ga henen maar
hoort,
tot
dit
volk en zeg: hoerende
verstaat niet.
Jes.
VI
:
9.
na de bestrijding van geestelijke zelfver'heffiny en geestelijke kwelzucht, komt de laatste en diepste zin van het „heilige voor de hondekens" in aanmerking: de geestelijke gewetenloosheid. Zeer zeker toch ligt in Jezus' beeldspraak óók de ernstige waarschuwing: Zie toe, dat ge door gedachtelooze aanbieding van het Eerst
heilige anderer oordeel niet verzwaart.
Het zijde'
lag te
aphorisme
verre
schuiven: der bergrede
om
deze opvatting van Jezus' woorden ter wij er tegen op, dat het snijdend tiitsluitend in den thans bedoelden zin ver-
van ons
slechts
kAvamen
staan wierd.
Daartegen verzett'en we ons, ën op grond van het redebeleid èn op grond van den eisch door al Jezus' beeldspraak gesteld. Geen phantasie, de werkelijkheid bood Hem zijn beelden. Slechts uit de werkelijkheid mogen hun trekken dus worden verklaard. Op dien grond beweerden we derhalve, dat het beeld van het heilige met de hondekens en van de peerlen met de zwijnen allereerst de zelfverheffing van den Farizeër tuchtigt, die de peerlen van zijn heiligen godsdienst misbruikt, om bewondering te ontlokken aan een schare, die hij als een verachtelijke, onreine massa minacht; en ten tweede, de geestelijke kwelzucht striemt en geeselt van den versteenden schijngeloovige, die een welbehagen vindt in het verbreken van het gekrookte riet en het kwellen der benauAvden van ziel. Hiermee echter is de diepte van Jezus' woord nog niet uitgeput. Ook van geestelijke geivHenloosheld is sprake. Niet als opzettelijk bedoeld, maar als onvergeeflijke schuld der onnadenkendheid.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1896
Abraham Kuyper Collection | 256 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1896
Abraham Kuyper Collection | 256 Pagina's