Uit het Woord - pagina 240
Stichtelijke bijbelstudiën. Tweede bundel.
236 het leven der familie gaf God een wet. Dat is een gemeenschappelijke zonde der bloedverwanten, een zonde waarvoor alle gezinnen van dit geslacht verantwoordelijk staan, niet zonde in algemeenen zin, maar
zonde van uw geslacht. Die zonde kan ook begaan worden door een volk, want ook voor het leven der volkeren gaf God een wet. Dat is een gemeenschappelijke zonde van volksgenooten, een zonde waarvoor alle leden van dat volk aansprakelijk zijn, niet zonde in algemeenen zin, maar zonde van
uw
volk.
Maar
ook,
zonde kan begaan worden en is begaan.^ door de want ook voor het leven der wereld gaf God een wet. gemeenschappelijke zonde van alle menschen, een zonde die
geheele wereld,
Dat is een waarvoor allen aansprakelijk staan, die tot het menschelijk geslacht behooren, de zonde niet in algemeenen zin, de zonde der wereld. Zie het Lam Gods dat de zonde der wereld wegneemt! Wie draagt de zonde, die aan velen gemeenschappelijk is? Wiens hart gaat gebukt onder de zonde van het gezin? Het hart der goddeloozen in dien kring, of het hart des besten? Wiens hart gaat gebukt onder de zonde van een geslacht ? Het hart der lichtzinnigsten, of het hart van hen die God vreezen? Wiens hart gaat gebukt onder de zonde van een volk? Het hart der onnadenkenden of het hart der aanbidders van Gods naam? Met de vraag is immers het antwoord gegeven! Maar hieruit volgt dan ook, dat het besef van gemeenschappelijke zonde daalt en klimt met de heiligheid van het hart en eerst dan volkomen in ons zou zijn, indien er een mensch gevonden werd, die geheel heilig, zonder eenige persoonlijke zonde, zonder ooit eigen zonde gekend te hebben, onder ons kon opstaan. Te sterker geldt dit bij de zoude der wereld. Tan de zonde onzes gezins gevoelen we soms nog veel; van de zonde onzer familie veel minder; het besef van zoude des volks vindt ge schier uitsluitend bij enkele kinderen Gods en dan nog hoe zwak; maar besef, leedgevoel, een hartelijk leedwezen over de zonde der wereld, het is niet gekend. Alleen in een volkomen rein, zondeloos, heilig menschenhart zou het huizen kunnen, want er is de hoogste spankracht des levens, er is de hoogste liefde toe noodig. Zie het Lam Gods dat de zoude der wereld draagt Zulk een heilige is geboren, zulk een menschenhart, volkomen rein en onbesmet, afgescheiden van de zondaren en dat nooit zonde gekend heeft, het heeft op aarde geklopt; geklopt in Hem die vragen kon: „Wie uwer overtuigt Mij van zonde?" Welnu, juist wijl Hij derhalve geen persoonlijke zoude gekend heeft en geen vezel hoe gering ook van de wortelzonde door zijn ontvangenis of geboorte geweven was in zijn godmenschelijk bestaan, moest Hij dan ook, Hij alleen, Hij volkomen, de smarte kennen over
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1896
Abraham Kuyper Collection | 256 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1896
Abraham Kuyper Collection | 256 Pagina's