Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Uit het Woord - pagina 56

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit het Woord - pagina 56

Stichtelijke bijbelstudiën. Tweede bundel.

2 minuten leestijd

.

52

het lichaam, zoohang' de werking van het een. op het ander

normaal

is.

Zoo ook hier. De macht van den Christus voor

is ter beschikking van zijn Gemeente, verband' de profetische bede verhoord is: allen één zijn mogen, zij in mij en ik in ü!" van Christus en van de Gemeente éénzelfde uitspraak in

zoover

„Opdat

zij

Daarom

de Schrift. Hij Koning, Hij Hij Hij

— — —

koningen met Hem. met hem tot priesters gezalfd. zij met Hem tot profeteeren geroepen. profeet, hunner het kindschap. Gods Zoon, zij met Hem. tot lijden geroepen, ingaande, ook hunner die heerlijkheid in

Hij Priester

Hij

beider

in

zij

zij

heerlijkheid

voor eeuwig. En zoo ook Hij de zonde vergevend. Van haar: „Zoo gij iemands zonde vergeeft, dien zijn ze vergeven !" Hem de sleutelen des hemelrijks toebetrouwd. En zoo ook tot haar het woord uitgaande: „En u zal Ik geven de sleutelen des hemelrijks."

Dusver vloeit alles vanzelf. Geheel de Schrift is onze getuige, en Jezus' woord zoowel als het woord zijner Apostelen bevestigt slechts wat reeds aan Mozes en de profeten, als toekomstige luister van het Godsrijk was geopenbaard. Slechts worde vastgehouden, dat aan den hand met Christus het al gelegen is en in dien band alleen zijn recht en waarheid heeft. Dit blijkt uit het drietal uitspraken des Heeren, die over dit verkenen van goddelijke volmacht handelen. 19 wordt de toezegging: „En Ik zal u geven de Mattheüs 16 gedaan na de belijdenis van den discipel, hemelrijks," des sleutelen Christus profetisch werd aangeduid. met band waarin die machtsbekleeding de „Zoo gij iemands volgt 22 20 Johannes vergeven," zijn zij eerst na de roeping tot dien vergeeft, zonden Yader Mij de gezonden heeft, Gelijkerwijs zoo zend apostolaat: het in hoogsten band zin (jelegd werd. die waarin Ik ulieden," 18. Vooral echter wijzen we op Mattheüs 18 verleend in het plechtig woord „Voorplaatse ter daar macht De aarde ontbinden gij op zult, zal den hemel wat in al zcou: Ik waar wordt op den voet gevolgd door de heilige wezen," ontbonden belofte van Jezus' tegenwoordigheid in zijn Gemeente, waardoor de aard van dien band wordt gekenteekend. :

:

:

:

:

Immers, wat volgt?

„Wederom

zeg Ik u, waar twee van u

samenstemmen op de aarde

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1896

Abraham Kuyper Collection | 256 Pagina's

Uit het Woord - pagina 56

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1896

Abraham Kuyper Collection | 256 Pagina's