Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Uit het Woord - pagina 187

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit het Woord - pagina 187

Stichtelijke bijbelstudiën. Tweede bundel.

3 minuten leestijd

183

kan alleen cl e Schrift over deze verborgenheid beslissen, de verkiezing der enkele personen, niet minder vast staat dan van den Christus en de Gemeente in haar geheel. Slechts ten overvloede zij nog aan het opmerkelijk feit herinnerd, dat in den ontwikkelingsgang der Openbaring de eerste aanwijzingen der uitverkiezing met Abraham beginnen, dus met een enkel persoon, en dat eerst, nadat hij krachtens de verkiezing stamvader van Israël en

vader

deren,

doen

die

der geloovigen geworden het Gode behaagd heeft,

is,

de lichtstralen zich vermeerdit goddelijk geheimnis te

op

vallen.

Met dit stellig getuigenis Gods overeen: Gode zijn

der Schrift stemt de eisch van het wezen werken van eeuivigheid bekend,"

al zijne

Synode (Hand. 15 18), en drukt daarmee een eigenschap des Heeren uit, die voor elk vroom gemoed, onmiddellijk met den naam des Heeren zelven gegeven is. Een God, die in onzekerheid over zijne schepping verkeerde, zou voor ons diepst bewustzijn- ophouden God te zijn. De heilige rust, die bij de aanbidding des Allerhoogsten in de ziel daalt,zou voor immer wijken, zoo ons geloof aan dat vaste, zekere en onwankelbare in de kennisse en voorkennisse Gods ontviel. Doch ook bepaaldelijk het denkbeeld van „uitverkiezing" zou met het prijsgeven van dit persoonlijke verkiezen der enkelen tot een onhoudbaar woordenspel worden verlaagd. „Kiezen" onderstelt schiften. Zoo men, gesteld dat er twaalf peerlen voor ons liggen, geheel het twaalftal neemt, is er van keuze geen sprake, heeft er geen keuze plaats. Een keuze onderstelt juist, dat niet alle genomen worden, maar dat het ééne wel, het andere niet gekozen worde. Gaat het nu niet aan, die eenvoudige grondbeteekenis van het woord kiezen weg te denken, zoo dikwijls in de Schrift van verkiezing of „uitverkiezing" gesproken wordt, dan wordt men reeds hierdoor tot onderscheiding, ódk tusschen de personen gedrongen. Even weinig baat de uitvlucht van enkele nieuwere onder de Duitsche godgeleerden, die onder uitverkiezing de verkiezing tot een hoogeren trap van zaligheid verstaan, waarbij de gewone bij zonderen, zaligheid dan aller deel zou blijven. Hiermee immers wordt geheel de Openbaring der Schrift weersproken, die ondubbelzinnig en in woorden voor geen tweeërlei uitlegging vatbaar, steeds en onveranderlijk, juist van uitverkiezing tot zaligheid in een zin spreekt, waardoor elk denkbeeld van een zaligheid, die niet in de uitverkiezing zegt Jacobus op de Jeruzalemsche

:

steunen zou, is buitengesloten. Uitverkiezing onderstelt dat God kiest, niet de mensch. Er is in onze kerken verkiezing van den prediker, dien men hooren wil, maar wie zal dat ooit in den zin verstaan alsof de prediker zijn hoorders en niet de hoorders den prediker kozen. Toch waant men dat deze in het oog springende begripsverwarring tegenover den Heere onzen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1896

Abraham Kuyper Collection | 256 Pagina's

Uit het Woord - pagina 187

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1896

Abraham Kuyper Collection | 256 Pagina's