Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Uit het Woord - pagina 243

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit het Woord - pagina 243

Stichtelijke bijbelstudiën. Tweede bundel.

3 minuten leestijd

239 moedio;eii

nu

:

„We hadden

gehoopt, dat deze Israël verlossen zou, maar

ziel."

„Mijn raad zal bestaan en Ik zal al mijn welbehagen doen" is zijn Het gaat den Messias gelijk het Hem vergaat, wijl Hij daartoe van den Yader verordineerd is, en derhalve opdat de Schrift zou vervuld worden. Des Zoons spijze is, niet zijn wil te doen, maar den wil des Vaders. Niemand kan tot Hem komen tenzij hij van den Yader getrokken worde. Die tot Hem komt is Hem van den Vader gegeven. Hij heeft onder de kinderen der menschen zijn schapen, en die schapen hooren met onfeilbare zekerheid zijne stem en komen tot Hem. Van degenen die Hem de Vader gegeven heeft, kan niemand verloren gaan, want niemand kan ze rukken uit de hand zijns Vaders. De Zoon des menschen gaat heen gelijk van Hem o-eschreven is, en wetende dat nu alles vervuld was wat van Hem geschreven stond, riep Hij met luider stemme: „Het is volbracht!" Dit stemt ieder toe. In zulk een geloofsleven, in zulk een levensbeschouwing is de gedachte zelfs aan mislukte proefneming een ongerijmdheid. „Die niet wedergeboren is uit water en geest, kan het^ Koninkrijk Gods zelfs niet zien." Van de weinigen, die Hem aanhingen met trouw en volhardend geloof, betuigt de Christus .-lau den Vader: „Ze waren uwen en Gij hebt ze Mij gegeven." De verklaring moet dus elders liggen. levensleus.

Een beeld strekke ter opheldering. Een zware eik is prachtig met zijn loover opgeschoten ter plaatse, waar gij zijn lommer hadt begeerd. Maar de wortel is aangetast. In levensvezelen verkankerd begint de eik te kwijnen. De schors verliest haar levenskleur, de toppen der twijgen verdorren, de bladvorming wordt zwak, de vrucht blijft klein en wordt onooglijk. Toch hebt ge dien boom lief, toch wilt ge dien boom behouden, toch wilt ge moeite en tijd voor het behoud van dien boom ten diepste

zijn

beste

geven.

Ge

peinst

kanker in den wortel

en

zint,

te stuiten.

en ja ge vindt het middel

Het kwaad wordt

om den

uit de wortelvezelen

weggenomen, dat ze weer met volle zuigkracht het levenselement uit den bodem kunnen optrekken, uw eik is gered. Maar hoe? Zie, straks komen de houthakkers en ze kappen den stam bij den wortel ze scheiden wat niet langer bijeenhoort, den verstorven stam van af, den levenden wortel, en eenerzij ds zit daar nu in den bodem, ter plaatse waar zal

gij

uitstooten,

het begeerd hadt, de levende tronk, die weer scheuten een stam en kroon vormen zal en door de rijke ont-

van den wortelstok u in veel korter tijd weer den ouden boom, maar nu krachtig en gezond, bloeiend en prijkend zal teruggeven; maar ook ligt daar naast den tronk de oude stam, de boom die geveld werd, het zware hout met zijn kroon en takken. Wat noemt ge nu den eik? Wat noemt- ge nu uw boom? Is nu uw eik de tronk die daar in den bodem zit, of de stam die ginds op den grond ligt? wikkeling

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1896

Abraham Kuyper Collection | 256 Pagina's

Uit het Woord - pagina 243

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1896

Abraham Kuyper Collection | 256 Pagina's