Uit het Woord - pagina 62
Stichtelijke bijbelstudiën. Tweede bundel.
58
VI.
HET KONINKRIJK NU REEDS OP AARDE. Hot Koninkrijk Gods komt niet met wendig fielaat, (i^'^si") is binnen ulieden. Luk. 17
:
uit-
20, 21.
Twee reeksen van uitspraken loopen
in onze Evangeliën en in de Eenerzijds heet het, dat het Koninkrijk er is, maar ook wordt anderzijds met niet zwakker beslistheid uitgesproken, dat het nog komen moet. Keeds te duidelijk om uitlegging te eischen is Jezus' eigen woord
Brieven
tot
de
der
Apostelen
naast
elkander.
Farizeën Zoo is dan het Koninkrijk Gods tot u (Matth. 12 28), een uitspraak slechts in omgekeerden herhaald in dat andere woord: „Daarom zeg Ik u, dat :
gekomen
:
vorm het Koninkrijk
Gods van
43).
:
Nog
weggenomen worden"
u zal
zoo men wil, is de uitspraak Avaarmeê zijn negende hoofdstuk begint: „Yoorwaar, Ik zeg u, dat er
(Matth. 21
krasser,
Markus sommigen
zijn van degenen die hier staan, die den dood niet zullen smaken, totdat zij zullen hebben gezien, dat het Koninkrijk Gods met kracht gekomen is." Van die daar stonden is de laatst gestorvene sinds eeuwen verscheiden het moet dus eeuwen lang reeds „in kracht gekomen zijn." Evenmin wordt over het aanwezig zijn van het Koninkrijk twijfel gelaten door de anders zoo raadselachtige spreuk „Van de dagen van Johannes wordt het Koninkrijk der hemelen geweld aangedaan" (Matth. 11 12). En wil men ook dit nog: de Apostel van Tarsen aarzelt niet over het arbeidsveld van Colosse en de geroepenen uit de heidenen te schrijven, dat hij zich ;
:
gevoelt als
een arbeider in het Koninkrijk Gods
(Col. i
:
11).
het Koninkrijk der hemelen op aarde aanwezig is, staat derhalve vast. De afgedoolde van e'eest mosfe er toe komen, het mersuit deze woorden te boren, om niets dan het holle geraamte van
Dat
„deugd
plicht" over
te houden, den Christen is dit spelen Eerbied mag en moet van hem voor de uitspraken cener openbaring gevorderd worden, die voor echt en valsch op Christelijk terrein oppermachtig, met aller toejuiching, beslist. Toch wordt de andere reeks hierdoor allerminst opgeheven. Eerbied voor de Schrift heeft niet wie slechts een deel, en wel een eiyenmachtig gekozen deel van haar uitspraken aanvaardt. Ze is wat ze is en wil voor wat ze is genomen zijn. In het oogenblik uwer machtigste ontplooiing in de vrijheid zult ge toch haar woord laten staan, dat gij zonder den Christus niHs doey, kunt; en omgekeerd, als ge wegzinkt iu de diepten der aanbidding, op welker bodem de troost der
met de
en
Schrift ongeoorloofd.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1896
Abraham Kuyper Collection | 256 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1896
Abraham Kuyper Collection | 256 Pagina's