Uit het Woord - pagina 105
Stichtelijke bijbelstudiën. Tweede bundel.
101
We
ontkennen
daarom
liet
bekoorlijke
en wegsleepende
niet,
dat
Gods omvattende eenheid, voor de deze machtige, alle ontkennen niet, dat alle gemeenten we aspiratiën des geloofs heeft; hebben; we ontkennen niet, Christus in den een geestelijke eenheid een trek van heilige oorsprong, henr wortel, door dat alle in heur kinderen
dragen, en zich voortbewegen langs paden, die op één zelfde eindpaal moeten uitloopen: maar verder gaan durven we om het Apostolisch gezag niet. Zelfs wagen we het vermoeden, dat de geloofseenheid der Gemeente door niets zoozeer als door de uitwendige gelijkheid
is tegengehouden. om die uitwendige eenheid tot stand te brengen, is pogen, Het Eome zag haar toeleg, eerst door de Oostersche kerken, mislukt. toch Grieken, toen door de Hervorming, en nu schismatieke de later door beweging verijdelen. Het streven naar Oud-Katholieke de door weer eenheid in de i\.nglicaansche kerk is haar op het verlies van de beste kringen der Engelsche en Schotsche volken te staan gekomen. En ook ten onzent heeft het rusteloos streven naar de eenheid onzer Hervormde kerk slechts de rustelooze woeling van malcontenten,
eenheid
Groningers en Modernen ten gevolge gehad. Is nu èn blijkens het getuigenis van Gods Woord, èn blijkens de les der historie, niet de ééne zichtbare Kerk, maar slechts het vrij verband tusschen de enkele gemeenten door den Christus bedoeld, dan is hiermee tevens het eenhoofdig zichtbaar gezag van den paus geoordeeld, voor wiens zetel geen plaats is, waar geen zichtbare eenheid van rechtswege bestaat. Evenmin kunnen we ons vinden in de voorstelling der Independenten, dat de leden der Gemeente zelven bij hoofdelijke stemming over recht en waarheid in leer of praktijk beslissen zullen. Ook hierbij houden we ons aan de Heilige Schrift. Gemeenteleden zonder een geordend bestuur vormen slechts een aggretaat van personen zonder gemeentelijke eenheid. Er blijft dan geen plaats voor het ambt. En even zeker als er in de Apostolische geschriften geen sprake is van de ééne zichtbare Kerk, even stellig
wordt
het
ambt ons voorgesteld
als
van het Gemeentewezen onaf-
scheidelijk.
Waar de Apostelen ook gemeenten stichten, steeds ordenen ze opzieners en diakenen, om de gemeente als geheel te vertegenwoordigen en te besturen. En dat hun doel niet was, om deze ambten slechts voor de gemeente in heur eerste opkomst in te stellen, blijkt voldingend uit den uitdrukkelijken last aan hun volgelingen, om ook op hun beurt gezalfde, met Gods Geest bezielde mannen aan het hoofd der gemeente te plaatsen. Hierbij komt, dat slechts in zeer kleine gemeenten van zulk een gemeente-plebisciet over alle voorkomende zaken sprake kan zijn. Tot het vellen van een rechtvaardig oordeel behoort ook kennis van de
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1896
Abraham Kuyper Collection | 256 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1896
Abraham Kuyper Collection | 256 Pagina's