Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De Drie Formulieren van Eenigheid - pagina 139

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Drie Formulieren van Eenigheid - pagina 139

gelijk die voor de Gereformeerde Kerken dezer landen zijn vastgesteld op de Nationale Synode van Dordrecht

2 minuten leestijd

KORT BEGRIP DER CHRISTELIJKE RELIGIE

137

een zoon baren, en gij zult zijn naam heten Immanuël; hetis, overgezet zijnde, God met ons. b. Jer. 23 Zie, de dagen komen, spreekt de HERE, 5, 6. dat Ik aan David een rechtvaardige SPRUIT zal verwekken; die zal Koning zijnde regeren, en voorspoedig zijn, en recht en gerechtigheid doen op de aarde. In zijn dagen zal Juda verlost worden, en Israël zeker wonen; en dit zal zijn naam zijn, waar-

welk

:

mede men hem zal noemen: HEID. (Vgl. 10 33—36).

DE HERE ONZE GERECHTIG-

:

21. 1 Cor. 15 Want dewijl de dood door een mens is, ook de opstanding der doden door een mens. Vgl. vs 47. 26. Hebr. 7 Want zodanig een Hogepriester betaamd. de ons, heilig, onnozel, onbesmet, afgescheiden van de zondaren, en hoger dan de hemelen geworden. Cat. vr. 12—17. Geloofsbel. art. 17, 20 en 26. Leerreg. II, 1, 2. c.

zo

:

is

:

VRAAG.

15.

Wie

is

die middelaar?

ANTW.

Onze Here Jezus Christus a die in één persoon waarachtig God b en een waarachtig rechtvaardig mens c is. ,

1 Tim. 2 a. 5. Want er is één God; er is ook één Middelaar Gods en der mensen, de mens Christus Jezus. In den beginne was het Woord, en het Joh. 1:1. b. Woord was bij God, en het Woord ivas God. Vgl. Joh. 1 14; Joh. 20 16; 1 Joh. 28; Rom. 9 5; Phil. 2 6; 1 Tim. 3 6. 5 20; Openb. 1 8; Ps. 45 8; Jes. 9:5; Jer. 23 c. Overmits dan de kinderen des vleses en Hebr. 2 14. des bloeds deelachtig zijn, zo is hij ook desgelijks datzelfde deelachtig geworden. Cat. vr. 18, 19. Geloofsbel. art. 10, 18, 19. Leerreg. II, 2—4. :

:

:

:

:

:

:

:

:

:

:

VRAAG.

16.

Kunnen

de engelen onze middelaars niet

zijn?

ANTW. Neen

zij

want

;

zijn a

zij

noch God noch mensen.

Hebr. 1 14. Zijn zij niet allen gedienstige geesten, die tot dienst uitgezonden worden, om dergenen wille die de zaligheid beërven zullen? a.

:

Cat. vr. 14, 15, 30. Geloofsbel. art. 12. 17.

VRAAG.

Kunnen de

heiligen onze middelaars niet

zijn ?

ANTW. Neen

zij

:

want

zij

hebben

zelf

gezondigd

a ,

en

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1897

Abraham Kuyper Collection | 164 Pagina's

De Drie Formulieren van Eenigheid - pagina 139

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1897

Abraham Kuyper Collection | 164 Pagina's