Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De drie Formulieren van Eenigheid - pagina 90

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De drie Formulieren van Eenigheid - pagina 90

gelijk die voor de Gereformeerde Kerken dezer landen zijn vastgesteld op de Nationale Synode van Dordrecht

2 minuten leestijd

DORDTSCHE LEERREGELS

88 de overdenking daarvan,

in

het onderliouden van

Gods geboden

vertragen, of vleeschelijk zorgeloos zouden worden. Hetwelk door Gods rechtvaardig oordeel dengenen pleegt te gebeuren, die, óf zichzelven van de genade der Verkiezing lichtvaardiglijk vermetende i), óf ijdellijk en dartelijk daarvan klappende in de wegen

der uitverkorenen niet begeeren te wandelen.

XIV. Voorts, gelijk deze leer van de Goddelijke Verkiezing, naar Gods wijzen raad, door de Profeten, Christus zelven en de Apostelen, zoowel in het oude als in het nieuwe Testament gepredikt is, en daarna in de H. Schriften voorgesteld en nagelaten, alzoo riioei zii jook ten huidi gen dage, te zijner tijd en plaats, in de Kerke Gods (dewelke zij bijzonderlijk is toegeëigend) voorgesteld worden, met den geest des onderscheids en met Godvruchtige ^) eerbiedig-

zonder nieuwsgierige onderzoeking van de wegen des Allerhoogsten, ter eere van Gods heiligen naam en tot eenen 3 27; Rom. XII levendigen troost van zijn volk (Hand. XX 17, 18). en Hoofdst. XI 33, 34; Hebr. VI heid, heiliglijk,

:

:

:

:

XV. Deze eeuwige en onverdiende genade van onze Verkiezing wijst en prijst ons de H. Schrift allermeest daarmede aan, dat zij wijders getuigt, dat niet alle menschen zijn verkoren, maar sommigen niet verkoren, of in Gods eeuwige Verkiezing voorbijgegaan, namelijk die, welke God naar zijn gansch vrij, rechtvaardig, onberispelijk en onveranderlijk welbehagen besloten heeft in de gemeene ellende te laten, in dewelke zij zichzelven door hunne eigene schuld hebben gestort, en met het zaligmakend geloof en de genade der 1) Zichzelven van de genade vermetende (Lat.: de gratia praesumentes) beteekent: zichzelven van de genade, zonder grond, iets voorstellende of inbeeldende, of, zichzelven de genade wederrechtelijk toekennende. 2) De officieele uitgave heeft hier het woord Goddeliik. dat echter thans in den hier bedoelden zin niet meer kan gebruikt worden, en daarom vervangen is door het woord Godvruchfig. in overeenstemming met Art. 18 van dit Hoofdstuk, waar dezelfde Lat. uitdrukking religioes alzoo is vertaald.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1897

Abraham Kuyper Collection | 164 Pagina's

De drie Formulieren van Eenigheid - pagina 90

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1897

Abraham Kuyper Collection | 164 Pagina's