Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De Drie Formulieren van Eenigheid - pagina 110

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Drie Formulieren van Eenigheid - pagina 110

gelijk die voor de Gereformeerde Kerken dezer landen zijn vastgesteld op de Nationale Synode van Dordrecht

2 minuten leestijd

DORDTSE LEERREGELS

108

ons werkt. En deze wordt in ons niet teweeggebracht door middel van de uiterlijke prediking alleen, noch door aanrading, of zulke manier van werking, dat, wanneer nu God zijn werk volbracht heeft, het alsdan nog in de macht des mensen zoude staan wedergeboren te worden, of niet wedergeboren te worden, bekeerd te worden, of niet bekeerd te worden. Maar het is een gans bovennatuurlijke, een zeer krachtige, en tegelijk zeer zoete, wonderbare, verborgen, en onuitsprekelijke werking, dewelke, naar het getuigenis der Schrift (die van de auteur van deze werking is ingegeven), in haar kracht niet minder noch geringer is dan de schepping of de opwekking der doden; alzo dat al diegenen, in wier harten God op deze wonderbaarlijke wijze werkt, zekerlijk, onfeilbaar en krach tiglijk wedergeboren worden en daadwerkelijk 1 ) geloven. En alsdan wordt de wil, zijnde nu vernieuwd, niet alleen van God gedreven en bewogen, maar van God bewogen zijnde, werkt hij ook zelf 2 ). Waarom ook terecht gezegd wordt, dat de mens, door de genade die hij ontvangen heeft, gelooft en zich bekeert. in

XIII

De

wijze van deze werking kunnen de gelovigen in dit leven volkomen begrijpen; ondertussen stellen zij zich daarin gerust, dat zij weten en gevoelen, dat zij door deze genade Gods met het hart geloven, en hun Zaligmaker liefhebben. niet

XIV Zo

is

dan het geloof een gave Gods; niet omdat het aan de mensen van God wordt aangeboden, maar omdat

vrije wil des

1 De officiële uitgave heeft hier, en iets verder in Art. 14: ) dadelijk geloven (Lat. actu credere), in de zin van daadwerkelijk geloven, en daarom, ter voorkoming van misverstand, alzo gewijzigd. 2 De officiële uitgave geeft hier: werkt zij ook zelf. (Lat. ) zodat het woord wil, ofschoon het ook agit et ipsa, nl. voluntas) in deze leerregels altijd als mannelijk gebruikt wordt, toch door ;

een vrouwelijk voornaamwoord wordt aangeduid. Om taalkundige redenen moest dit hier, en evenzo in Art. 11 en 16 van dit Hoofdst., in Art. 3 van de daarop volgende Verwerping der dwalingen, en in Art. 2 van de Verwerping der dwalingen bij Hoofdst. V, gewijzigd worden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1897

Abraham Kuyper Collection | 164 Pagina's

De Drie Formulieren van Eenigheid - pagina 110

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1897

Abraham Kuyper Collection | 164 Pagina's