Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De Drie Formulieren van Eenigheid - pagina 15

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Drie Formulieren van Eenigheid - pagina 15

gelijk die voor de Gereformeerde Kerken dezer landen zijn vastgesteld op de Nationale Synode van Dordrecht

2 minuten leestijd

BELIJDENIS DES GELOOFS

13

VIII

[Dat God enig

is in

wezen en nochtans in drie personen onderscheiden]

Volgens deze waaarheid en dit Woord Gods, zo geloven wij in een enige God; die een enig wezen is, in hetwelk zijn drie personen, in der daad en waarheid en van eeuwigheid onderscheiden naar hun onmededeelbare eigenschappen: namelijk de Vader, en de Zoon, en de Heilige Geest. De Vader is de oorzaak, oorsprong en begin aller dingen, zowel zienlijke als onzienlijke. De Zoon is het Woord, de Wijsheid en het Beeld des Vaders. De H. Geest, de eeuwige Kracht en Mogendheid, uitgaande van de Vader en de Zoon. Alzo nochtans, dat dit onderscheid niet maakt, dat God in drieën gedeeld zij, aangezien dat de H. Schriftuur ons leert, dat de Vader, en de Zoon, en de Heilige Geest, elk zijn zelfstandigheid heeft, onderscheiden door haar eigenschappen; doch alzo, dat deze drie Personen maar één enig God zijn. Zo is het dan openbaar, dat de Vader niet is de Zoon, en dat de Zoon niet is de Vader, dat ook insgelijks de Heilige Geest niet is de Vader, noch de Zoon. Intussen deze Personen, zó onderscheiden, zijn niet gedeeld, noch ook ondereen gemengd. Want de Vader heeft het vlees niet aangenomen, noch ook de Heilige Geest, maar alleen de Zoon. De Vader is nooit zonder zijn Zoon, noch zonder zijn H. Geest geweest; want zij zijn alle drie van gelijke eeuwigheid in één zelfde wezen. Daar is noch eerste, noch laatste; want zij zijn alle drie één in waarheid, in mogendheid, in goedheid en barmhartigheid.

IX [Bewijs des voorgaanden Artikels van de drieheid der

Personen in één God] Dit alles weten wij, zo uit de getuigenissen der H. Schriftuur, ook uit hun werkingen, en voornamelijk uit degene, die wij in ons gevoelen. De getuigenissen der H. Schrifturen, die ons leren deze H. Drievuldigheid te geloven, zijn in vele plaatsen des Ouden Testaments beschreven; welke niet van node is te als

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1897

Abraham Kuyper Collection | 164 Pagina's

De Drie Formulieren van Eenigheid - pagina 15

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1897

Abraham Kuyper Collection | 164 Pagina's