Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De drie Formulieren van Eenigheid - pagina 138

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De drie Formulieren van Eenigheid - pagina 138

gelijk die voor de Gereformeerde Kerken dezer landen zijn vastgesteld op de Nationale Synode van Dordrecht

2 minuten leestijd

KORT BEGRIP DER CHRISTELIJKE RELIGIE

136

Antw.

Kunnen de heiligen onze middelaars niet zyn? Neen zij; want zy hebben zelven gezondigd «, en

zijn niet

anders dan door dezen eenigen Middelaar zalig ge-

17.

Vr.

worden ö.

Wat

is de mensch, dat hij zuiver zoude zijn? Jezus zeide tot hem: Ik ben de weg, en de waarheid, en het leven. Niemand komt tot den Vader, dan 45—47; Hand. 4 door mij. Vgl. Luc. 1 12; 1 Tim. 2:5; 13—15. Openb. 7

a) b)

Job 15

14.

:

Joh. 14

:

6.

:

:

:

Cat. vr. 30. Geloofsbel. art. 26. Leerreg.

I,

1,

7; V,

2,

1—3.

18. Vr. Zullen ook alle menschen door den Middelaar Jezus zalig worden, gelijk zij allen door Adam zyn verdoemd

geworden ?

Antw. Neen zy^; maar alleen ^ die Hem met een waar 16: Alzoo geloof aannemen^, gelijk geschreven staat, Joh. 3 lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijnen eeniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een iegelijk, die in Hem gelooft, niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe. :

Matth. 22 14. Want velen zijn geroepen, maar weinigen d) uitverkoren. 36. Die in den Zoon gelooft, die heeft het eeub) Joh. 3 wige leven; maar die den Zoon ongehoorzaam is, die zal het leven niet zien, maar de toorn Gods blijft op hem. 12. Maar zoovelen Hem aangenomen hebben, c) Joh. 1 dien heeft Hij macht gegeven kinderen Gods te worden, namelijk die in zijnen naam gelooven. :

:

:

Cat. vr. 20. Geloofsbel. art. 16, 22. Leerreg.

Wat

I,

Ar-Q;

II,

5, 8.

een waar geloof? eene stellige kennis" van God, en van zyne beloften, ons in het Evangelie^ geopenbaard, en een hartelijk vertrouwen dat mij alle myne zonden om Christus' wille vergeven zijn^. 19.

Vr.

Antw.

Het

is

is

a) Hebr. 11 : 1. Het geloof nu is een vaste grond der dingen die men hoopt, en een bewijs der zaken die men niet ziet. Vgl. Eph. 1 18. :

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1897

Abraham Kuyper Collection | 164 Pagina's

De drie Formulieren van Eenigheid - pagina 138

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1897

Abraham Kuyper Collection | 164 Pagina's