Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 50
XIII.
Bsnatb.
En Pharaö
gaf
hem (Jozef) Asnath, de
van Potiphera, overste van On, vrouwe. Gen. 41
dochter
tot :
eene
45.
Pharaö was er op uit, Jozef tot een Egyptenaar te maken en in het verband van Egypte's volksleven in te lijven. Hij was zoo met Jozef ingenomen. Hij wilde alles voor Jozef doen. Maar Jozef moest een aanwinst voor Egypte zijn en in Egypte opgaan. Van een God Israëls, die door dien Jozef Egypte redden kwam, mocht geen sprake zijn. De strijd van Pharaö tegen Jehovah teekent zich van meet af. Jozef is een kostbaar talent. Jozef is hein een genie; een staatsman van eersten rang en orde; maar dan moet Jozef ook de glorie van Egypte verhoogen, en een parel worden aan Pharaö's kroon.
Daartoe
nu overlaadt
hij
hem met
eere
en schatten; daartoe
van Zaphnat-Paanéah, wat zeggen wil: Redder des Levens, en daartoe nu moest ook dienen, dat hij aan Jozef Asnath ter vrouwe geeft. Van den éénen kant een hooge onderscheiding, want Asnath was de dochter van Potiphera; en die Potiphera was opperpriester in On, de heilige stad der Zonaanbidders in Egypte. Nu stond in Egypte de priesterkaste zeer hoog. Deze priesters waren ivijzen, die allerlei geheimenissen der natuur kenden; die diepe studiën maakten; en daardoor veel bijdroegen, om „de wijsheid der Egyptenaren" spreekwoordelijk te doen worden. Daar nu Jozef getoond had door zijn „droomuitlegging" tot de verandert
hij
zijn
naam
in dien
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's