Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 72
70 en de taal van liet hart niet verstaat, was een zonde tegen de étiquette al meê het ergste, wat Michal zich kon voorstellen.
drang
David heeft toen deze hooge, bijna hartelooze vrouw lang niet malsch terecht gezet, en de heilige schrijver vermeldt het als een Godsoordeel, dat Michal tot aan haren dood toe geen kind van God ontvangen heeft. Wel Merab; die had vijf zonen; en wel David, die zonen en dochters in menigte ontving maar niet Michal, de hooge, de eerzuchtige, de zich zelve zoekende en zich zelve bedoelende vrouw. Zulk een vrouw is uitnemend in staat, om een rol te spelen en op den voorgrond te treden; om beurtelings David en Palti te boeien ja, om als Koningin in al haar praal te schitteren maar een moederlijke aard zit in zulk een vrouw niet in. Ze aardde naar Saul, die juist hierin tegen David overstaat, dat hem de Kroon van Israël tot een verzoeking van zelfverheffing en hoovaardij was geworden, en hij in die verzoeking bezweek. David wilde voor God en voor zijn volk leven; maar voor Saul was het arme Israël slechts het instrument, om hem groot te maken. En dat zat ook in Michal. Ze leefde niet met het volk ze gevoelde niets voor het volk en David zelf moest slechts dienen om haar te doen schitteren als Koningin. ;
;
;
;
;
XXXII.
BatbBcba. En David zond henen en ondervraagde naar deze vrouw, en men zeide: Is dat niet Bathseba de dochter Eliams, de huisvrouw van Uria den Hethiet? 3. 2 Sam. XI :
Aan den naam van Bathseba kleeft de bittere herinnering van Davids onbegrijpelijk diepen val. Een val zóó diep, dat het ons nog altoos moeite kost, de herinnering aan zijn drievoudig gruwelstuk met zijn eerenaam van „den man naar Gods harte" te verbinden. Eerst zijn schandelijke echtbreuk daarna de poging om Uria dronken te maken ten einde daardoor het uitkomen zijner zonde te verhinderen; en toen deze sluwe list mislukte, de gruwelijke moord, gepleegd op een onschuldig en dapper officier van zijn leger. Ware de Schrift er dan ook op aangelegd, niet om Gods ontferming, maar om de hoogheid des menschen te verheerlijken, nooit ;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's