Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 78
XXII.
^epbtba's Bocbter.
Dat Jeplitha's dochter niet door haar vader verbrand is. behoeft wel geen betoog meer. Alle menschenoffer was in Israël een gruwel. Jehovah was niet als Moloch, dat een vader zijn kind op het altaar kon slachten. En ook heel het verhaal is er tegen. Een kind dat sterven moet, en twee maanden uitstel vraagt, zou die twee maanden niet ver van haar ouders weggaan. Waartoe ook zou ze, zoo ze sterven moest, haar maagdelijken staat beweend hebben? Wat hoefde er dan bij te staan, dat ze „geen man bekend heeft" ? En wat zouden de dochteren Israël s haar dan vier dagen in het jaar zijn gaan .aanspreken"? Geen twijfel dus, of de offerande van Jephtha bestond hierin (gelijk ook onze kantteekenai-en zeggen, en tegenover Luther staande houden) dat haar vader haar als een maagd, die nooit huwen mocht, aan den dienst van den Tabernakel wijdde en dat ze dientengevolge, niet naar vrije keuze, maar om de gelofte van haar vader, tot op haren dood toe als een toegewijde des Heeren, verre van haar ouderlijk huis, bij den Tabernakel, eenzaam en verlaten, heeft ;
geleefd.
heidensche sage van Iphigenia mag in het Bijbelsche verhaal worden ingeschoven. Jephtha had Ammon overwonnen Jephtha stond op het toppunt van zijn glorie en juist op dit oogenblik berooft hij door een onna-
De
niet
;
;
denkende
belofte zich zelven levenslang van zijn kind, en zijn kind dood toe van de vreugde des levens.
tot aan haar
Dat
is
de positie, waarin Jephtha's dochter voor ons treedt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's