Het Calvinisme - pagina 134
HET CALVINISME EN DE WETENSCHAP,
126
indalend
de
die, dank zij deze herschepping van het abnormale, norma vinden blijven, niet in het natuurlijke maar
en
;
ideale
God-Drieëenig.
in
dus
Niet stelsels
die
of
twee wetenschappelijke uitwerkingen
ge
wilt
met
elk
een
de
en
Deïsme
behoort
het
tegenover
de
hier
want het
elkander
wetenschap
beide
in
hun
die
staat
is
twee absolute vormen
zijn
opgenomen.
Ook
toch
de Moderne theologie thuis
En
eindelijk,
standers,
half
weg saam gaan, en
laten, al slaan ze verder
het
zonder voorbehoud
bij
geen
zijn
Pantheïsme, ook
het
en
stelsel,
Normalisten. die
En
wereldbeschouwing een eigen
een Theologisch
is
heel
het,
zijn
staan.
die beide heel het veld van menschelijke kennis
die
Theologie hebben het
dat
Theologie,
van wetenschap, bestrijken,
geloof
eigen
evenmin mag gezegd, tegenover
maar twee ivetenschappehjke
wetenschap
en
geloof
de wetenschap der
twee relatieve tegen-
voorts elkander met vrede
ook verschillende paden
weer betwisten ze elkander het ganscJie ze niet aflaten van het volhardend
in,
maar over en
terrein des levens,
pogen
om
en kunnen
geheel het geboirwvdin
elkanders strijdige beweringen, met de steunpunten onder die be-
weringen,
grond
den
tot
toe
te
zou
gelooven,
dreef en
niet in
dit
die
hen alle
geen wetenschappelijke ernst
zijn,
wetenschap, die eenheid van conceptie vraagt, niet verstaan.
nog
beeld Gods
den mensch, van zonde
iets
in
iets
Een
ook maar van de schepping, van het
Normalist, die
als
Jitet
hun uitgangspunt
en zouden ze den primordialen eisch van
het
bezielde,
Als ze
breken.
af te
poogden zouden ze over en weer toonen
als val,
van een Christus
boven het menschelijke uitgaande, van een wedergeboorte, die anders dan ontwikkeling zou
werkelijke orakels
brengt,
ot
zijn,
staan laat,
van een
is
Schrift, die
halfslachtig
ons
studieman
en verbeurt den wetenschappelijken naam. Maar zoo ook, wie als
Abnormalist de schepping ook maar halverwege
opgaan
;
in het dier
geschapen, maar
mensch
menschen oorsprong
ziet;
om
doet
en de schepping van den
in oorspronkelijke gerechtigheid loslaat;
meewerkt uit het
's
in evolutie
geen creatuur naar het beeld van den mensch
de wedergeboorte,
om
maar voorts nog
den Christus,
om
de Schrift
motief van louter menschelijke krachten te verklaren en niet
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 212 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 212 Pagina's