Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 176
174 in
de
waarheid,
en
zoo
Maar bovendien hebben
weten ze u die voor te stellen. innemend teedere van de vrouwelijke
helder
ze dat
bekoring, die ge in den man altoos mist. Priscilla keerde later naar Rome terug. Naar de traditie zegt, is ze als martelaresse voor den naam des Heeren gestorven. Doch al mist dit bericht zekerheid, een getuige des Heeren is ze zeer zeker geweest; want heel haar leven was na haar bekeering één opoffering van zich zelve en één toewijding van al haar talent aan de zake
van Christus.
XXIX. Brustlla. En na sommige dagen Felix daar gekomen zijnde met Drusilla zijne vrouw, die eene Jodin was, ontbood Paulus, en hoorde hem van het geloof in Christus. Hand. 24:
24.
Drusilla was uit Edom herkomstig, een dochter van den Idumeeschen koning Herodes Agrippa, en zag in het jaar 34 na Christus geboorte het levenslicht. En evenals haar volk beleed ook Drusilla, in naam althans, de Joodsche religie, en ook tot haar is door Paulus de roepstem des Heeren gekomen, of ze knielen wilde voor Sions gezalfden Koning. Ze was, toen ze te Caesarea Paulus hoorde, een vrouw van nog geen volle twintig jaar, maar die toch op zoo jeugdigen leeftijd reeds een veelbewogen leven achter zich had. Drusilla was een jonge vrouw van zeldzame schoonheid, en die schoonheid had haar tot diep zedelijken val gebracht. Ze was namelijk reeds als meisje van 15 a 16 jaar gehuwd met vorst Azizus, den koning van Emesa maar wel verre van dezen haren gemaal getrouw te blijven, had ze hem verlaten, en zich voorts in onwettigen echt verbonden met den Romeinschen landvoogd Felix. Dit was zoo toegegaan, dat Felix haar op hofpartijen ontmoette, en onverwijld door haar Oostersche schoonheid innig bekoord was, zoodat hij terstond het plan opvatte haar te ontvoeren. Hij, de landvoogd van het machtige Rome, had toch al even weinig van den toorn van den machteloozen koning Azizus te duchten, als Nederlands gouverneur op Java van den vorst van Djokjo. En Drusilla, die zich gestreeld voelde door de gedachte, dat een zoo machtig landvoogd zijn oog op haar had laten vallen, wees hem niet aanstonds af. Wel bewilligde ze niet terstond. Maar toen Felix een Joodsch duivelbezweerder, met name Simon, op haar had afgezonden, liet ze zich door dezen sluwen makelaar, na weinig ;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's