Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 34
VIII.
Xea.
Lea had teedere oogen, doch Kachel was schoon van gedaante en schoon van aangezicht.
Lea
is
Gen. 29
:
16.
een der weinige vrouwen uit de H. Schrift, van wie ons
opzettelijk bericht wordt, dat ze niet aantrok door uiterlijk schoon. Vooral bij haar zuster Rachel kon ze niet in de schaduw staan.
Rachel was schoon van leest en schoon van gelaat beide, een gansch en boeiende jonge maagd. Niet schoon in onzen westerschen trant, maar schoon in oosterschen zin; een verschil dat ge nu nog merkt aan de jonge dochter van Joodsche herkomst in ons midden; en gelijk thans nog in Aziƫ en in het noorden van Afrika het vrouwelijk schoon in oosterschen gloed en wegsmeltende weelde bevallige
schitteren kan.
En
naast die prachtige Rachel stond nu Lea met haar gewone en met haar alledaagsche gelaatstrekken; aan de oogen
gestalte
zelfs eenigszins
misvormd.
Hierin nu lag voor Lea een lijden. Want het is wel gevaarlijk voor een vrouw, draagster en bezitster van veel schoons te zijn; maar toch is het feit niet weg te cijferen, dat een jonge maagd, die van vrouwelijk schoon verstoken bleef, hierdoor voelt dat ze achter staat. Want wel kan dit gemis door rijkdom van geest, en warmte van hart, en teederheid van hefde meer dan vergoed worden. Ja, in een min schoon gelaat kunnen engelentrekken spelen maar die hooge geestelijke begaafdheid is een uitzondering; en wie als jonge maagd niet schoon is. 5
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's