Het Calvinisme - pagina 200
HET CALVINISME EN DE TOEKOMST.
192
en niets
droever dan te zien hoever reeds de theologie der Gere-
is
formeerde kerken, vaak
in al
haar deelen, onder de heerschappij
van haar gansch vreemde invloeden kwam. Maar toch de theologie slechts ééne der vele
is
Ook de
bearbeiding.
om
wetenschappen die roepen
studie der rechten,
Calvinistische
ook de sociale wetenschap-
pen, ook de philosophie, de letterkunde, de linguïstiek, de psycholo-
de aesthetiek, ja ook de medische en natuurkundige studiën
gie,
gaan, zullen ze diep worden opgevat, alle zonder onderscheid op beginselen terug, en
met meer ernst dan dusver dient
onze kringen de
in
kosmologische en
vraag gesteld, of de logische, de ontologische, de
anthropologische beginselen, die in deze wetenschappen heerschappij
met de beginselen van het Calvinisme overeenstemmen,
voeren,
dan wel tegen
En dan
zijn
voeg
ja
grondslag ingaan. ik ten slotte
aan deze
nog
gebillijkte, eischen ten slotte
dit als
nog zeggen van Gereformeerde
die
ophouden breed
opvatting
kerkelijk
en
leven.
dunkt historisch
vierde toe, dat die kerken,
belijdenis te zijn,
zich die belijdenis te schamen.
mijn
zake het
drie, mij
Gij
dan ook mogen
hebt gehoord, hoe
hoe ruim mijn gezichtspunt
Van
dan van
niets
ook
is,
in
ontwikkeling
vrije
ook voor het kerkelijk leven verwachten. Ik loof de veelvormigheid en zie er een hooger standpunt van ontwikkeling
blijf ik heil
in.
En zelfs voorde
kerk die het zuiverst
belijdt, blijf ik steeds
de hulpe
van andere kerken inroepen, opdat haar nooit te loochenen eenzijdigheid
worde aangevuld. Maar wat mij steeds met wrevel en weerzin vervulde, was een kerk te zien, of den ambtsdrager eener kerk te ontmoeten,
van
met de vlag opgerold onder het fier
lijfkleed verborgen, in stee
die vlag in frissche kleuren uitrollend.
moet men dan ook durven in heel zijn optreden.
En
zvezen
in
zijn
Wat men belijdt te zijn, woord,
in zijn
daad en
een kerk, die Calvinistisch van oorsprong en
nog herkenbaar aan haar Calvinistische confessie, den moed mist, wat zeg ik, die den zielslust niet meer kent, om kloek en dapper die belijdenis
tegen
nisme,
maar
heel de wereld te verdedigen, heeft niet het Calvizich
zelve onteerd.
Gereformeerde kerken als
en
klein,
laat
Laat de nog ze
in
merg en been
gering in hét
cijfer
wezen,
kerken zullen ze voor het Calvinisme steeds onmisbaar de kleinheid van die kern deert ons niet, zoo die kern maar blijven,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 212 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 212 Pagina's