Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 90
88 vernuft aller natiën en meestal een hoog fijnen het schoone, vooral het kunstschoon, dat ze uitgestald vinden, te waardeeren. En dit nu is prijselijk en lofwaardig. Het heeft eere boven de onverschilligheid en het „kan me niet schelen" der alledaagschheid, liet toont een geprikkelden, belangstellenden geest, die op onderzoek uitgaat. Ze zouden, hadden ze gekund, in Salomo's dagen stellig ook een reisje naar Jeruzalem hebben ondernomen, gelijk ze nu Parijs en Londen, Weenen en Berlijn bezoeken. Ook staan ze niet vijandig tegen het geloof, o. Verre van daar. Ze vinden ook in de religie wel een schoone poësie. En van buiten althans zouden ze den Tempel van Jeruzalem stelhg bewonderd hebben. Slechts één ding vergeten ze: Dit, dat er thans een meer dan Salomo hier is, en dat die Eéne niet enkel om bewondering voor de schoonheid van zijn woord, maar allereerst om de overgave vanheur hart en de toeivijding van heur leven aan zijn dienst vraagt. Maar daartoe ziet ge, helaas, de meeste van deze meer ontwikkelde jonge vrouwen niet komen. Ze doen meê. Ze loopen meê. Maar toch, al is Jezus haar misschien iets meer dan Salomo, toch is hij heur niet de Verlosser van schuld en zonde, aan wien ze zich met eeuwigen dank en jubel in het diepst harer ziel verbonden gevoelen. En zoo blijft het dan bij deze interessante en voor veel zich interesseerende vrouwen maar al te vaak als bij de Koningin van Scheba. Ze komen in Jeruzalem, en staan verbaasd en verwonderd. Maar ook, straks gaan ze Jeruzalem weer uit, en van een liefde voor het Zion Gods is het flauwste vonkje in heur hart nooit opgegloord.
producten van smaak hebben,
liet
;
om
XL.
5erobeam'ö (Bemaltnne. En Jerobeam zeide tot zijne huisvrouwe Maak u nu op, en vermom u, dat men niet :
merke dat gij Jerobeams huisvrouwe zijt. en ga henen naar Silo: zie, daar is de Profeet Ahia. 1
De man vrouw zich Over die
Kon. XIV: 2a.
is het hopfd der vrouw; maar mag, moet daarom een leenen tot al wat haar man van haar vergt? telkens wederkeerende vraag geeft Gods Woord ons onderricht in het laakbare voorbeeld van een Koningin uit Israël. Ze was de gemalinne van Jerobeam, den eersten Vorst die het
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's