Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 26

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 26

3 minuten leestijd

24 de inwoners des lands" en op Gods bevel vluchten moest naar Beth-El; terwijl het aan Dina evenzoo te wijten is, dat Levi en Simeon van den stervenden Jakob een vloek in stee van een zegen ontvingen. En wat was nu de zonde in Dina's karakter, waaruit al deze

jammer opsproot? dan wat men een „kleine zwakheid" pleegt te een godvruchtig huisgezin, was Dina toch nieuwsgierig om te weten, hoe het in de wereld toeging, en wilde ze met die wereld toch zekere aanraking hebben. De tenten van haar vader waren toenmaals dicht bij het stedeke Sichem opgeslagen; maar haar vader mijdde met Sichem alle gemeenschap. Dit nam echter niet weg, dat Dina dikwijls uit haar vaders tente naar dat stedeke uitzag een zeker verlangen had naar omgang met de meisjes uit Sichem, die ze in haar prachtigen Oosterschen tooi vaak buiten Sichem's muren wandelen zag en zoo bekroop haar de heimelijke wensch, om met die vreemde meisjes Och,

noemen.

niet

anders

Opgevoed

in

;

;

omgang te krijgen. En toen nu eens

al de broeders verre weg met het vee in het veld waren, en Dina alleen met haar vader in de tente was gebleven, sloop ze stil weg, en wandelde den weg op naar Sichem, Qm -de dochteren des lands te bezien."

Natuurlijk wist Dina uitnemend goed, aan welk gevaar ze zich hierdoor blootstelde. Ze wist immers wat aan Rebekka en Sara bij Achimelech en Pharaö was overkomen. En dan ging zij nog al alleen; en dat op zoo jonge jaren. Maar wat nood. Dina stelde er haar eere in, wat wij noemen, „een hachje" te zijn. Dina was bij de pinken genoeg. Dina zou er zich wel uitredden. Maar, ja wel, nauwelijks is Dina het stedeke binnen gekomen en is ze bezig de toko's te bezien en met deze en gene een gesprek aan te knoopen, of Prins Sichem, de zoon van Vorst Hemor, komt voorbij, en noodigt haar uit in zijn paleis te komen. Dat streelt Dina's behaagzucht, en Dina gaat meê. En toen, in de binnenkameren van dat paleis gelokt, heeft Dina wel tegengesparteld; en voor geen goud noch goed haar maagdeneer willen prijsgeven; maar, helaas, die tegenstand baatte niet; en het einde was, dat Dina door dien Prins werd verkracht. En toen, deels uit vrees niet meer durvende terugkeeren, deels gestreeld door de weelde, die haar omgaf, bleef ze in dat paleis, en liet zich de liefde, die Prins Sichem haar verklaarde, althans aanleunen. Wereldzucht had haar naar Sichem gedreven; wereldzucht had Dina om haar eere sfebracht: en, in den strik der wereldzucht

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898

Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 26

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898

Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's