Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 28

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 28

2 minuten leestijd

;

26 woord,

dat

Doch

in

de

H. Schrift voor een palmboom wordt gebezigd. vrouw moet geweest zijn van indruk-

niet alleen dat ze een

wekkende gestalte, maar ze was ook, en dit is erger, een vrouw van Kanaanietische herkomst, evenals Sua, haar schoonmoeder. En dit wijst op een hachlijk iets in het gezin van Jacob; want al mogen, wat wij niet weten, zijn overige zoons zich vrouwen uit Paddan-Aran hebben gehaald, van Juda, die ons, als stamvader van den Messias, het meeste belang inboezemt, staat bepaaldelijk vermeld, dat hij zich een Kanaanietische vrouw nam, en dat hij aan Er, zijn oudsten zoon, Thamar gaf, van wie hetzelfde ondersteld moet. Nu hoeft Thamar daarom nog geen vrouw geweest te zijn van afgodischen aard, want Melchizedeks optreden bij Abraham toont, dat er nog enkele familiën in Kanaan waren overgebleven, die, ook bij min zuivere kennisse Gods, toch nog „den Allerhoogste" vereerden.

Maar toch blijkt uit Thamar's jammerlijke geschiedenis evenzeer, dat dit overblijfsel van geloof met diepgaande ondermijning van het zedelijk leven gemengd was. Vooral in de „hoererij" school de ontzettende zonde der Kanaanietische volken die daarom vooral bij hen zulk een gruwelijk karakter had aangenomen, omdat ze deze hoererijen in hun afgoderij hadden opgenomen. Men weet dit van de Midianieten uit het gebeurde met Pinehas, als vrucht van de afgoderij van Baal-Peor en evenzoo weet men van elders, dat de afgodische dienst van Astheróth even goddeloos was. Het gold bij die afgoderijen als schandelijke regel, dat elk jonge man en elke jonge vrouw hun eere aan den afgod ten offer moesten brengen en zoo werden hun tempels huizen van ontucht. Zoo diep zinkt de mensch, als God hem wandelen laat in zijn eigen wegen. En daar nu stond de publieke opinie in Jakobs geslacht lijnrecht tegenover. Dat merkt ge aan Simeon en Levi, die zeggen: ^^Zal men met onze zuster als met een hoer e doen?^ En dat merkt ge evenzoo aan Juda, die, toen men hem boodschapte Thamar, uw schoondochter, heeft ^gehoereerd'", terstond antwoordde: „Breng ze herwaarts opdat ze verbrand worde T ;

;

;

:

Doch

was de vloek van die gemengde huwelijken, schoondochter ter oorzake van die hoererij tot den vuurdood doemde, was zelf de man, die zich aan hoererij met haar had schuldig gemaakt. Thamar, zoo betuigde Juda zelf, was rechtvaardiger dan hij want had Juda zich door vuigen lust tot zijn schanddaad laten verleiden, Thamar wierd gedreven door edeler beweegreden. Juda,

helaas, en dat

die

zijn

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898

Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 28

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898

Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's