Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 31

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 31

3 minuten leestijd

29

.

Nu

waren

stond

in

Egypte de priesterkaste zeer hoog. Deze

priesters

geheimenissen der natuur kenden; die diepe studiën maakten; en daardoor veel bijdroegen, om „de wijsheid der Egyptenaren" spreekwoordelijk te doen worden. Daar nu Jozef getoond had door zijn „droomuitlegging" tot de wijzen te behooren, en Pharaö deze wijsheid niet aan Jehovah, maar aan natuurmysteriën toeschreef, vond hij het natuurlijk, dat Jozef zich met de Wijzen van Egypte moest vermaagschappen, en voor goed met heel zijn geslacht in deze Priesterkaste zou worden ingelijfd, door zijn huwelijk met Asnath, de dochter van Potiphera. wijzen,

die

allerlei

Dit huwelijk had Jozef niet mogen aangaan. Immers, wat schoone legende Bilderdijk ons ook van deze Asnath, of Assenede, gelijk hij ze noemde, zong, om ze ons te doen voorkomen als een meisje dat Jozef reeds in Midian had leeren kennen, en later in Egypte terugvond, de H. Schrift meldt ons hier niets van; en wat de Schrift ons meldt maakt zeer stellig den indruk, dat Jozefs huwelijk met Asnath een politiek huwelijk was, door Pharaö alzoo besteld, om Jozef een positie in de Egyptische strengaristocratische maatschappij te geven, en tegelijk Jozef voor eens en voor altoos als Egyptenaar te naturaliseeren. En in zulk een huwelijk nu had Jozef nooit mogen toestemmen want als schoonzoon van Potiphera, den Opperpriester der Zon-aanbid ders, wierd Jozef ingewikkeld in Egyptische afgoderij, en vermaagschapt aan een Kaste, die aan dezen afgodendienst haar glorie ontleende. Niet alsof Jozef uit wellust in dit huwelijk had toegestemd. In Potiphar's huis had hij getoond, tegen de verleiding der Egyptische vrouw, met al haar bekoring, zeer wel bestand te zijn. Veeleer hebben we ons voor te stellen, dat de wierook Jozef bedwelmd heeft, en dat zijn beenen niet sterk genoeg waren, om hem als jonge man plotseling zulk een weelde te doen dragen. En zoo kwam Asnath, de Egyptische priestersdochter, dan in Jozefs huis, ze werd hem ter vrouwe en Asnath baarde hem twee maar, helaas^ zonen, in wier naamzonen: Manasse en Ephraïm geving reeds het kwaad uitkomt, dat in Jozefs tent was geslopen. Manasse toch wil zeggen: die doet vergeten. Want, zeide Jozef: God heeft mij doen vergeten het gansche huis mijns vaders. En Ephraïm wil zeggen: dubbele vrucht; want, zeide Jozef: God heeft mij doen wassen in het land waar ik eerst verdrukt wierd. Pharaö 's toeleg is dus gelukt. Ook Jozef zelf is zich door Asnath als Egyptenaar gaan gevoelen en hij weet niet beter, of hij is afgestorven aan zijns vaders huis, en nu een rijk man in Egypte. ;

;

;

;

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898

Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 31

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898

Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's