Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 167
165 besef opleeft, dat liet ook als geslacht geroepen is, om den naam des Heer en groot te maken. Natuurlijk, Loïs wist vooruit niet, dat haar kleinzoon zulk een hooge plaats in Christus' kerk zou erlangen en Eunice kon dit liet
;
evenmin van haar zoon vermoeden. Maar Paulus toch
dat
op,
moeder
vaii
eigen
zijn
en
plaats
grootmoeder
in
wijst er
Timotheüs
kerk met geheimzinnig,
dit geloof
Christus'
in
zeker
geestelijk
verband staat. Zulk een geloof,
dat, als ware het van geestelijken adel, in drie opklimt, trekt den apostel sterk aan, want hij zegt, dat naar Timotheüs verlangt, om met blijdschap vervuld te worden,
geslachten hij
denkt aan die heilige geslachtslinie. nog het versch gewrochte, dan juist het aldus historisch gewortelde geloof, heeft voor Paulus, als Israëliet, een bijzondere als hij
Minder
bekoring.
Zoo drie opeenvolgende geslachten die ten hemel ingaan, vindt zeldzaam schoon. Om in te sfenieten.
hij
Maar
hierbij laat Paulus het niet. Eunice, Timotheüs moeder, wordt toch niet alleen vermeld als tusschenschakel, maar de apostel wijst er ons ook op, wat ze als moeder deed, en hoe ze, mèt Loïs, in Gods hand het middel werd, om haar kind in vurig, innig geloof te doen opwassen. Dat ge van kindsbeen af de heilige Schriften geweten hebt, is nu nog, zoo schrijft de apostel hem, voor u, o Timotheüs, een genade waarvoor gij uwen God zult danken. Want ja, men kan zeer wel ook op later leeftijd als een brandhout uit het vuur gerukt worden. Ge kunt wel op voorbeelden wijzen van mannen en vrouwen, die eerst op zeer gevorderde jaren bekeerd en tot de Schrift gekomen, toch diep in de kennisse Gods zijn
ingeleid.
Maar
toch, dit blijven uitzonderingen. af blijft altoos het best en het veiligst. In de kinderjaren het meest heeft het menschelijke hart en de menschelijke
Van kindsbeen
geest
het
en
indrukken
;
menschelijk
die vatbaarheid voor diepe van in zich opnemen die sterkte van ook die buigzaamheid en plooibaarheid, en
bewustzijn
die gemakkelijkheid
verbeelding en memorie
;
;
die gezonde naïviteit 'om in de Schriftwereld in te leven, en ze zoo in zich op te nemen, dat men er in woont en er in thuis is.
ook
Dit voorrecht nu was ook aan Timotheüs te beurt gevallen, en daardoor was de kennisse der Schrift en de inhoud van het geloof er bij hem niet opgevernist, er niet als opgelegd en in de oppervlakte blijven hangen, maar met zijn leven en bewustzijn saamgegroeid en alzoo zijn eigendom geworden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's