Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 168
166
En
dit nu dankte Timotheüs aan zijn moeder, aan Eunice, gelijk Augustinus aan Monica. Iets wat lang niet altijd zoo gaat want er zijn moeders, ook onder de Christenen, die haar plicht in dat opzicht schandelijk verzuimen. Ja, er zijn kinderen Gods, die van achteren, helaas, klagen moeten, dat ze van hun moeder geen enkelen geestelijken zegen ontvangen hebben. Maar dikwijls beschikt God de Heere dit toch anders en prikkelt Hij het moederhart tot die heilige activiteit, dat het tot in lengte van jaren, voor het besef van den straks bekeerden en tot God geroepen zoon, de zoetste en heiligste herinneringen achterlaat. En dan geurt er in dezen geestelijken band iets zoo rijks en heerlijks, omdat de teederheid van de moederliefde dan geheiligd wordt door de liefde Christi, en de drang om haar kind tot den Heiland te brengen, verwarmd wordt door den zachten gloed van het moederhart. Een moeder, die haar zoon niet maar gelijkenissen en verhalen uit den Bijbel laat lezen, maar haar lieveling in die Schrift het rijke volle beeld van haar en zijn Heiland laat bewonderen. O, men klaagt thans zoo vaak, dat op meer gevorderden leeftijd vooral de zoons afvallen, maar is er ook geen plaats voor de klachte, waar toch onder ons de Eunice's zijn, die in het geloof rijk ontwikkelde moeders, die den gloed van heur eigen liefde voor Jezus^ in het hart van haar kind wist over te storten. Want zeker, ook op de vaders rust een hooge en heilige plicht, en komen dagen, dat vooral de krachtiger geest van den man den geest van de kinderen in het gezin leiden moet. Maar toch, de man kan zoo moeilijk slagen, als de teedere zielsarbeid van de vrome, trouwe, biddende moeder niet is voorafgegaan. Van kindsbeen af, wijst er zoo duidelijk op, dat moeders, o, zoo vroeg met haar kind moeten beginnen. Neen, niet alleen om het vormen en manieren te leeren niet
later
;
;
alleen
veel
om
zijn
gereed te zetten en zijn bedje te spreiden; maar haar kind in te leiden in de mysteriën Gods.
spijze
meer nog, om
XXVI. 3esaï3el Maar
ik heb eenige weinige dingen tegen u, dat gij de vrouw Izébel, die zichzelve zegt eene Profetes te zijn, Iaat leeren en mijne dienstknechten verleiden dat ze hoereeren en afgodenoflfer eten. Openb. 2 20. :
In de kerk van Thyatire begon, reeds kort na hare stichting, de booze invloed van een Sibyl te werken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's