Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 35

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 35

2 minuten leestijd

33

XV.

Socbébeö, Door het geloof werd Mozes, toen hij geboren was, drie maanden lang van zijne ouders 23rt. Hehr. XI verborgen. :

is in Hebr. XI ingevlochten in de „Wolke der geloofsZe was een Levietische vrouw, en denkelijk ouder dan 19 weten we, dat ze een haar man Am ram althans uit Exod. 6 zuster van Amram's vader was; een later streng verboden huwelijk,

Jochébed

getuigen".

:

;

er in de Egyptische verwarring meê onder doorging. had Jochébed, toen Pharaö's boos bevel kwam, om de knechtkens in den Nijl te werpen, reeds minstens twee kinderen: een opgeschotene dochter, waarschijnlijk de later voorkomende Mirjam: en dan Aaron, die toen nog pas een speelsch knaapje van even drie

maar dat

Nu

jaren was. ze weer zwanger, maar met een zwangerschap, had afgebeden, want de moederere «(/f/ van weer een kind te bezitten kon thans zoo licht in den doodelijksten moederangst over haar lieveling gesmoord worden. Want ja, het kon weer een „zusje"; maar het kon ook een „broerzijn," dat ze kreeg. En dan, als het een jongen was, dan wachtte tje'' haar lieveling de dood in den Nijl. Want tegenstand baatte hier niet. Pharaö liet ter dege inspectie houden. En dan roofde men haar

Doch nu werd

die

ze

schier

kind toch.

maanden van haar Gij kunt u daarom denken, hoe het al die dracht in Jochébed's hart gestormd heeft. En meer nog, hoe ze, toen het kindeke geboren werd, met kloppenden angst het antwoord van de vroedvrouw wachtte op de voor dood of leven beslissende vraag: Wat is het? En zie, toen moest het hooge woord eruit. Ja, het was een jongen. En op eens verkeert, met dat zeggen, al Jochébed's moederweelde bange verschrikking. alle knechtkens der Hebreen moesten, naar Pharaö's gebod, geworpen in den Nijl.

in

Want immers

Doch

juist die

haar kind zou ze

moederangst maakte uit Jochébed een heldin. Voor strijden.

Dat besluit kwam bij haar op, zoodra ze haar kindeke aanzag; want tot drie malen toe betuigt de H. Schrift ons, „dat ze hem ver20 3, Hand. 7 borg, ziende dat hij zoo schoon ivas". (Exod. 2 :

:

28). en Hebr. 11 Bedoelt dit, dat ze :

als

moeder een minder schoon kind

niet

3

zou

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898

Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 35

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898

Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's