De Drie Formulieren van Eenigheid - pagina 87
'
HOOFDST.
T.
VAN DE VERKTEZTNG EN VERWERHNG.
79
en onveranderlijk welbehagen besloten heeft in de gete laten, in dewelke zij zichzelven door hunne eigene schuld hebben gestort, en met het zaligmakend geloof en de genade der bekeering niet te begiftigen, maar hen, in hunne eigene wegen en onder zijn rechtvaardig oordeel gelaten zijnde, eindelijk niet alleen om het ongeloof, maar ook om alle andere zonden, tot verklaring van zijne gerechtigheid, te verdoemen en eeuwiglijk te straffen. En dit is het besluit der Verwerping, hetwelk God geenszins maakt tot eenen auteur ) van de zonde (hetwelk godslasterlijk is te denken), maar Hem stelt tot haren verschrikkelijken, onberispelijken en rechtvaardigen Eechter en Wreker. berispelijk
meene
ellende
J
XYI. Die het levend geloof in Christus, of het zeker vertrouwen des den vrede der consciƫntie, de betrachting van de kinderlijke gehoorzaamheid, den roem in God door Christus, in zich nog niet krachtiglijk gevoelen, en nochtans de middelen gebruiken, door welke God beloofd heeft deze dingen in ons te werken, die moeten niet mismoedig worden, wanneer zij van de Verwerping hooren gewagen, noch zichzelven onder de verworpenen rekenen, maar in het waarnemen der middelen vlijtig voortgaan, naar den tijd van overvloediger genade vuriglijk verlangen, en dien met eerbiedigheid en ootmoedigheid verwachten. Veel minder behooren voor deze leer van de Verwerping verschrikt te worden degenen, die ernstiglijk begeeren zich tot God te bekeeren, Hem alleen te, behagen, en van het lichaam des doods verlost te worden, en* nochtans in den weg der Godzaligheid en des geloofs zoo ver nog niet kunnen komen, als zij wel wilden; aangezien de barmhartige God beloofd heeft, dat Hij de rookende vlaswiek niet zal uitblusharten,
j
j
schen, en het gekrookte riet niet zal verbreken. Maar deze leer is met recht schrikkelijk voor degenen, die, God en Christus den Zaligmaker niet achtende, zichzelven aan de zorgvuldigheden der
wereld en aan de wellusten des vleesches geheel hebben overgegeven, zoo lang zij zich niet met ernst tot God bekeeren.
1) Auteur betcekent: wcrkmcestcr; werkende oorzaak; degene, van wien afkomstig is, of, die tot iets aanleiding geeft.
iets
j
I
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 162 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 162 Pagina's