Het Calvinisme - pagina 157
HET CALVINISME EN DE KUNST. misleid
schijn
er
pikken wilden,
in
der
Hierin
nu lag deze, maar
/.ufiijaig
scheen voor de Socratische
natuurnabootsing,
of
school
het
vaak door de
al te
I49
hoogste
ideaal.
idealisten vergeten
waarheid, dat de vormen en verhoudingen die de natuur ons toont,
de grondvormen en verhoudingen voor
waarachtige
alle
realiteit
en blijven moeten, en dat een kunst die niet de natuur
zijn
afziet
en beluistert, maar willekeurig boven haar zweven wil, verlooptin
Maar omgekeerd moet
spel der phantasie.
tegenover de bloot empirische
ting
alle ideƫele
in het gelijk
kunstopvat-
worden
gesteld,
waar de empirische met het nadoen van de natuur haar taak
als
Dan toch begaat men op kunstgebied dezelfde waaraan de man op wetenschappelijk gebied schuldig staat,
voltooid beschouwt. fout,
die
rust
de waarneming,
bij
teruggeving van de schijnselen
opklimt
En
feiten.
tot
de
zich
in
gelijk
opneming en geordende
ware wetenschap
hen wonende orde,
in
uit
de ver-
om met
de
kennis dier orde gewapend, edeler dieren, edeler bloemen, edeler
vruchten te kweeken, die boven hetgeen de natuur van zelve voortbrengt, uitsteken, zoo
om
ook
is
het de roeping der kunst, niet enkel
het zienbare en hoorbare waar te nemen, in zich op te
en weer te geven, maar veel meer
van het schoon
te
om
nemen
in die verschijnselen de orde
ontdekken, en met die hoogere kennis gewapend,
een schoon voort te brengen, dat boven het schoon der natuur uitgaat. Juist
toon
dus wat Calvijn beweerde, dat de kunsten gaven ten
spreiden,
die
God
ter
onzer beschikking stelde, nu tenge-
volge der zonde, het wezenlijk schoon, zooals het zijn moest, ons
ontnomen was.
Uw
beslissing ten deze
nu hangt geheel af van uw opvatting van
de wereld. Ziet ge in de wereld het absoluut goede, dan hooger, en
blijft
voor de kunst niet anders over dan
dit
is
er niet
goede na
te
bootsen. Erkent ge daarentegen, dat de wereld eens schoon zvas, nu
door den vloek ontredderd wierd, maar eens door de eindcatastrophe in
een heerlijkheid zal ingaan, die nog hooger staat dan het oorspron-
kelijk
paradijsschoon,
dan heeft de kunst de mystieke taak,
door het heimwee naar het verloren schoon der
komende
heerlijkheid
op
te
klimmen.
metterdaad de Calvinistische belijdenis.
tot
om
de vooruitgenieting
Welnu,
dit laatste is
Scherper dan de andere
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 212 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 212 Pagina's