Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 34

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 34

3 minuten leestijd

32 Docli er ligt in Siphra en in als in geestelijken

Pua nog meer, zoowel

in

aardschen

zin.

In de kraamkamer schuilt zooveel. Door zooveel van wat moeder of baker doet, kan het leven van het jonge wichtje beveiligd en gered, maar ook door zooveel beschadigd en gekrenkt woi'den. Dat merkt ge wel aan de honderden jonge wichtjes, die wegsterven in de eerste levensmaanden, terwijl toch in andere kringen, waar meer ernst, en meer liefde, en meer vreeze Gods is, dit sterftecijfer de "-

helft niet haalt.

Een moeder en een baker met een teedere conscientie, met goede kennisse toegerust, en niet spelende met het kindeke als met een speelpop, maar er voor zorgende als voor een schepseltje, door God haar toevertrouwd, hebben zoo menigjeugdig leven, dat bedreigd werd, gered. Een taak, te schooner, omdat de wereld het niet merkt; maar

God ziet het. Maar God

ziet het ook, als de moeder zich niet geeft voor haar kind, of, gelijk voorkomt, hoe schandelijk het ook zij, dat de moeder,

uit ijdelheid, de moedermelk, die God haar voor dat wichtje gaf, aan haar kindeke durft onthouden. Dat hebben Siphra en Pua ons te zeggen, als we met het aardsche

leven rekenen.

Maar ook

geestelijk

gaat er van deze edele Joodsche vrouwen een

vermaan uit. Een baker,

die God vreest, vindt in huizen waar ze bakert, zoo schoone gelegenheid om een geestelijken zegen achter te laten. Ze is dagen en nachten met de jonge moeder alleen. Ze vindt die moeder in een blijde, ontvankelijke stemming des gemoeds. Wat kan ze op zulk een verteederd gemoed dan niet vermogen, waar Gods wondere schepping in dat nieuwe schepseltje, een getuige van zijn almacht is. En niet alleen op de moeder is invloed te oefenen maar ook de andere kleinen zijn voor een baker, die God vreest, zoo licht toegankelijk. Ze heeft zulk een macht zelfs over de dienstboden. En niet zelden is het gezien, hoe een vrome baker zelfs den vader van het kindeke tot ernst wist te stemmen. En geen wonder! Want immers uit de kraamkamer gaat het naar den H. Doop en een vrome baker, die diep van dit heilig Sacrament doordrongen is, vindt daarin juist zoo gereede aanleiding, om een zaad uit te strooien, waaraan God den wasdom kan geven. En wel gaat ze dan straks weer elders henen maar een baker, die zóó haar God in de kraamkamer diende, wordt niet vergeten, al bakert ze niet meer. En God vergeet niet, wat ze deed om zijns Naams wille. ;

;

;

-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898

Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 34

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898

Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's