Het Calvinisme - pagina 156
HEÏ CALVINISME EN DE KUNST.
148
muziek roemt
om
roeren en de neigingen en zeden te buigen en
de harten te verzachten
te
dat ze een wondere, ongelooflijke kracht bezit,
hij,
om
schonk,
Onder de schatten des
').
ons
ontspannen en
te
En
inziens bovenaan.
levens, die
doen genieten,
te
God ons
staat ze zijns
waar de kunst lager afdaalt en enkel
zelfs
hoop te vermaken, snijdt hij ze zoo weinig af, hoe men dit soort zinvermaak niet aan het volk
bedoelt den grooten
dat
verklaart,
hij
moest onthouden
de kunst
dat Calvijn
Gods,
nader
machtige
uitwerking
begreep;
dat
God
ze
die
in al
der
wel zien,
te
ons schonk,
lijkheid
van
verre
kunst op
;
dat
hij
de
gemoedsleven ten volle
het
in
de veredeling des levens,
haar
in
een nabootsing der natuur
slechts
om
ons een hoogere werke-
dan deze zondige en
ontsluiten
ons
in het
van gewoon vermaak; en dat
zelfs
de roeping toeschreef,
haar te
den Heiligen Geest
haar bestemming zag in het verheerlijken van
hij
schenken van hooger genot, en hij,
dus zeggen,
haar vertakkingen eerde als een gave
gave van
een
als
mag men
Dit samenvattende,
-).
ingezonken wereld
ons bood.
Sprak ons hierin nu
smaak van het
natuurlijk
van
nog geen waarde voor Maar anders komt het
Calvijn, zoo zou dit getuigenis
Calvinisme
artistiek
dan de persoonlijke opvatting en
niets toe,
zoodanig
als
staan, zoo
te
men
hebben. er
op
Calvijn,
uit
blijkt dat
zijn
beginsel
en
we,
om
is,
valt
niet
moeilijk
vraagstuk terstond
het
Calvijns laatste verklaring.
De
in
aan
strijd
het
Dat
vindt.
hart
aan
dit
nu
Beginnen
te vatten,
met
kunst ons een hoogere werkelijkheid
Ook
gij
kent
telkens opnieuw op kunstgebied uitgestreden, of de kunst
enkel nabootsing der natuur moet uitgaan.
rechtstreeks
te toonen.
openbarend, dan deze ingezonken wereld ons biedt.
den
Jiiet
de Calvinistische levens- en
in
wereldbeschouwing haar noodzakelijke plaats metterdaad zoo
zelf juist
deze korte aesthetiek
we ons zoo mogen uitdrukken,
als
voortvloeide
hoe Calvijn
let,
was aangelegd, en hoe aldus
Druiven zoo
1)
Tom. VI.
2)
Tom. XII.
p.
169. p.
348.
zijn,
dan wel boven de natuur moet
juist geschilderd, dat
de vogelen door den
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 212 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 212 Pagina's