Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 45
43 Heere, om die hoer in genade aan te nemen en, hoein Jericho honderd deugdzame vrouwen waren, die zien, en zich alleen over dat diepgevallen meisje te te voorbij allen ontfermen. Misschien zelfs dat die vromer neiging in Rachab reeds jaren gewerkt had, en dat ze juist daardoor afgekeerd werd van de afgoals een derijen in Jericho, toen ze nu van een God hoorde, die niet ontzoo die God, een van maar stond, altaar een bij beeld steenen machtig zettende wonderen gedaan had in het land van Egypte, en
het
God den
wel
er
;
stellig
.
bleek
volk te verlossen.
zijn
En nu komen daar twee mannen van dien God. Maar die met komen, om zonde met haar te plegen, maar om voor den intocht hart van Gods volk den weg te banen. En nu komt het in Rachabs weerstaan. Die tot beslissing. Dien levenden God kan, wil ze niet mannen zijn voor haar hooge zendboden. En daarom, voor het dat de leven van die mannen waagt ze haar eigen leven. Misschien Vorst van Jericho haar morgen den kop voor de voeten zal leggen.
Wat
Vorst zich om het leven van een hoer bekommannen moeten gered. Gered niet uit berekening, menschelijk medelijden, maar omdat ze haar gezonden zijn
toch
zou
meren? Maar niet
uit
die
die
van den AUerhoogsten God. Zoo deed ze wat ze deed om Gods ivil. En alsof door die werking van het geloof haar bevroren hart begon te ontdooien, denkt die diepgezonken vrouw nu op eens weer om haar vader en moeder, dat ook die mochten gered worden. En als straks Israëls leger voor Jericho's poorte het beleg slaat, dan is er in dat heele Jericho niemand dan die ééne hoer, die m opendoet, dat leger God-zelf ziet naderen en als ze dan het venster en het scharlaken koord uithangt als teeken, dan is, omdat ze gelooft, zondige haar redding gewis, en lijft God, die eenig Heilige, deze eemggedochter van Jericho in het heilige voorgeslacht van zijn boren Zoon in. En is dat nu om haar hoererij te vergoelijken? God verhoede u, dat ooit zulk een booze gedachte in uw ziel bmnensluipe. Paulus zou zeggen: Dat zij verre! Maar dit toont God u in Rachab, dat zijn genade vrijmachtig; is; en dat er voor de diepstgevallene in zijn genade nog reddmg zonde der vlam de van uitslaan het voor dat gij, omdat God u meer dan anderen, bewaarde, niet in zelfgenoegzame eigengerech;
tigheid op die anderen zult neerzien.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's