Het Calvinisme - pagina 172
HET CALVINISME EN DE KUNST.
164
hoog van beduidenis
minder
niet
dikke
octavo-deelen
is,
Douen
gelijk
twee
in zijn
ons dit voor nu tien jaar verklaard heeft.
^)
Muziek en schilderkunst loopen hier evenwijdig. kerkelijk-aristocratische
periode
alleen
Gelijk
hooge en
het
in
de
heilige de
meesters van het penseel boeide, zoo heerschte op muzikaal gebied
de zeker diepe, maar eentonige cantus plmms of plain chant van Gregorius,
door
en
rythmus verzaakte,
den
die
kenner getuigde, aan
weg stond
ontwikkeling van de toonkunst
alle
Laag beneden
*).
volkskringen een bezieling
zijn
de harmonie niet kende,
aanvankelijk conservatief karakter, naar een kunst-
zijn
vrijer
in
den
die plechtige toonkunst sloop in de
zang rond, die vaak aan den Venusdienst en
ontleende,
met name op het dusgenaamde
tot ergernis der betere kerkvorsten,
,,ezelsfeest" tot
binnen de kerkwanden
doordrong, en aanleiding gaf tot die stuitende tooneelen, waaraan
van Trente paal en perk heeft gesteld
eerst het Concilie
3).
De kerk
mocht de golven der tonen doen ruischen, wat het volk musi-
alleen
ceerde werd beneden de waardigheid der kunst gerekend, en zelfs
moest het volk de muziek wel aanhooren, maar
het bedehuis
in
zelf
meezingen mocht het
niet.
Zoo
bleef de muziek als kunst een
zelfstandige positie derven. Alleen voor zooverre ze de kerk dienen wilde,
kon ze
verhief
zich
kunst bloeien.
als
niet
Wat
ze op eigen erf wagen dorst,
terrein des levens het Protestantisme in het
maakte,
zoo
ling
^)
^)
Calvinistisch
o. Douen, Clément Marot
Le
forme de
Conc.
de
gamme, p. V.
et
Deux volumes
en grand
Ia
perpétuelle
conservation
d'un système de tonalilé, ou de
du progrès dans
est rimpossibilité
VzxX..
1562.
impurum
Ab
ecclesiis vero
sive
actiones,
vana atque adeo profana, colloquia deambulationes,
domus Dei
Ia
Biographies des mttsiciens.
LV. Trente 22e Sessio, Sept.
organo,
ut
toch de die het
Fsaulier Huguenot.
Ie
zijn
Psalmgezang geweest,
de 713 pages. Paris k 1'imprimerie nationale. 1888/9.
résultat la
Introduction 3)
het
Het
dank verschuldigd.
Calvinisme
van
et
gemeen, maar conse-
van den weg tot haar geheele moderne ontwikke-
aan het
Octavo de 738
nu op elk
ook de toonkunst voor haar vrijmaking en voor
is
ontsluiting
toonzetters
gelijk
het Calvinisme, aan de voogdij der kerk een einde
quent alleen
de
En
boven populair gebruik.
cantu lascivum,
vere
domus
aut
quid
miscetur,
musicas eas ubi, sive item seculares omnes
strepitus, clamores, arceant,
orationis esse videatur et dici possit.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 212 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 212 Pagina's