Het Calvinisme - pagina 89
ÜEt CALVINISME EN DE STAATKUNDE. en
kortweg gelden,
souvereiniteit
zwichten voor deze Staats-
te
apotheose bleef de steen der wijzen voor elk
Er
heft.
Staats/zV/.
geen ander recht dan het immanente
is
De
wet
—
ver-
recht, dat in
de wet
omdat haar inhoud aan de Recht beantwoordt, maar omdat zij wet recht, niet
is
eeuwige beginselen van het
morgen vlak het tegenovergestelde vast, zoo recht wezen. En de vrucht van deze doodende theorie Stelt ze
is.
Zoo
God, waartoe de verdrukte zich op-
valt elk transcendent recht in
beschreven werd.
8l
zal is
ook
dit
dan ook
dat het rechtsbesef wordt afgestompt, dat elke rechtsvastheid uit de
gemoederen
Wat
wijkt,
en dat
hoogere geestdrift gebluscht wordt.
alle
goed, omdat het
is
is
en niet een
is,
God
die ons schiep en
kent en die zelf hoog boven alle Staatsmacht uitgaat, maar de gedurig wisselende wil van den Staat, die niemand boven zich heeft,
en daardoor
En
wordt, beslist hoe ons leven zal
en alleen door mcnschen
komt,
wilsuiting
handhaaft, behoeft het dan nog betoog,
onderwerping van den
de
reiniteit
boven komt en
te
zijn.
ge nu bedenkt, dat deze mystieke Staat alleen door nienschen
als
tot
God
feitelijk zelf
zaamheid, die
zijn
niet
doorzet en
dat ook deze Staatssouve-
mensch aan den mensch
kan opklimmen
klem vindt
zijn wil
tot
-
een plicht der gehoor-
de consciëntie?
in
"^
niet
'.
^
Zoowel tegenover de Volkssouvereiniteit der Encyclopaedisten, ^ als
de
tegenover
Staatssouvereiniteit
Duitsche
der
Pantheïsten,
handhaaf ik daarom hoog de souvereiniteit Gods, die alle
Het Calvinisme handhaaft het hoogste en het beste alle
mensch en
de hemelen
dat
men
onderscheidt
als
tusschen
overheidsgezag
ons
in
onze aspiratiën
Het Calvinisme rekent met het
het
de
is.
volk voor het aanschijn van onzen Vader
weggegoocheld
samenleving,
organische
gezag
alle
te plaatsen.
eerst
buitensporigheden
heeft,
en nu
feit
der zonde,
in zijn pessimistische
wezen van ons aanzijn begroet.
Het
van
onze
natuurlijke
en
het
aanlegt.
ineenschakeling
mechanisch verband
dat
het
Het maakt het zwichten voor het
omdat het in elk gezag ons den eisch van de souveGods doet eerbiedigen. Het verheft ons van een gehoor-
licht,
reiniteit
zaamheid
om
bron van
gezag onder menschen door het Calvinisme geproclameerd
door in
als
der
uit
vreeze voor den sterken arm, tot een gehoorzaamheid
consciëntie
wil.
Het
leert
ons
van
'•..
de bestaande
wet
;<
.
^ *\
"
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 212 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 212 Pagina's