Het Calvinisme - pagina 53
HET CALVINISME EN DE RELIGIE, Vlak hiertegenover nu de al
wat
er
is
om De
geven.
eere
volstrekt
het
religie
mensch,
Gode ideaal
gedompeld
en ten slotte als het religieuse
den Almachtige
zal zijn, religieus
op het
ofifer
altaar
zijn,
is
van den priester der schepping moet
heilige zalving
en kleederzoom doortrekken. Geheel en krachten, moet van den sensus zijn bewustzijn,
zijn
wezen, in alle
divinitatis
doortrokken
zijn,
hem, het van God
de Logos in
de
den ondergrond van het gevoel en
in
wilsdaad,
en
voels
maar
de wereld van
in
God wel
zijn
punten voor natuur en
in
hem Zijn God
centrum van
zijn
de wereld des ge-
zijn ethisch bestaan,
wereld der gedachte gesloten; wel in
en hoe
in
de buitenwerken van
niet in zijn zelfbesef, in het
denkend wezen;
bewust en
in
baard
zijn
vermogens
stralend licht des denkens, vatbaar zijn voor uitsluiting?
wel
van
Een religie die uitsluitend gevoelsdaarom voor den Calvinist ondenkbaar.
zal nederliggen.
of wilsreligie zal
dan
de zonde geheele
schepping aan Gods eere ontrooft, de eisch en het dat alle creatuur in religie
blijft,
zal bestaan,
zou
maan en starren in Maar bovenal de
heen.
En hoe dan ook
priesterlijk heeft toe te wijden.
stukken der
De
om
natuur
licel
Zon,
ons
Gode
de schepping
deze schepping en alle leven in die schepping
heel
die
daarboven
vogelen
Bestaat
handhaaft.
karakter
dan moet ook
God,
De
firmament.
het
het Calvinisme, dat voor
zich
plaatst tinivcrscelc
45
maar buiten de uitgangs-
zijn zelfbesef vaste
axiomatische vastigheden voor de
practijk,
kennis der schepping, maar zonder vaste steunpunten in het den-
ken omtrent den Schepper,
— het
stond voor den Calvinist met ver-
loochening van den eeuwigen Logos
orgaan
het
totaliteit
der
van
het volstrekt
religie
alle
gelijk.
—
En werd
universeel
zoo voor
karakter
menschelijk vermogen gehandhaafd, even beslist
bepleit de Calvinist dit universeel karakter van religie voor sfeer
of
en haar kring onder menschen aangaat. Niets
God
opeischen,
om Hem
binnenkamer,
niets.
volken
is
wat haar
geschapen,
schiep het met een ordinantie voor zijn aanzijn, en het
die volheid der ordinantiën
de
de
in
de
te
bidcel,
Met den Psalmist en
natiën
op,
Gods voor
alle leven, die alle
worden toegewijd. roept
of de hij
om Gode
kerk
Van
een
beperkt,
hemel en aarde, eere te geven.
is
leven doet religie
tot
weet
Calvijn
roept
hij
alle
In alle leven is
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 212 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 212 Pagina's