Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 92
90
Eer zij te Thirza weer bij het ziekbed van haar lieven jongen is^ haar Ueveling reeds gestorven zijn; en die Abia zal de eenige wezen, die nog een eerzame begrafenis krijgt. Heel het overige Huis van Jerobeam zal, en Baësa volvoert straks Gods raadslag^ op het schrikkelijkst worden uitgemoord. zal
Wat
onderwijst de Schrift ons nu door dit verhaal? niet bedriegen mag ? Maar dit spreekt van zelf. Of ook dat men zich nooit verkleeden mag ? Maar hier staat niets van. Over het verkleeden, en in welke gevallen dit ongeoorloofd is, handelt de Schrift elders. Neen, wat in Jerobeam 's gemalinne het sterkst uitkomt, is, dat zij haar man ter wille is in wat kwaad is voor den Heerehaar God. De onderworpenheid van een vrouw aan haar man heeft haar grenzen. En die grenzen liggen niet in haar lust of instemming. Als het wil tegenover wil, inzicht tegenover inzicht staat, en er dus één van beiden moet wijken, is het wijken opgelegd aan de vrouw. Maar een vaste grens, een grens die nooit mag overschreden worden, ligt voor die onderworpenheid in de conscientie. Zoodra en zoa dikwijls een Christenvrouw, door Gods Woord voorgelicht, in haar conscientie overtuigd is, dat hetgeen haar man van haar vergt, kwaad voor God is, mag ze niet wijken, maar moet ze weerstand bieden er kome van wat er van komt. Zeer zeker is de man met gezag bekleed; een gezag waarvan hif Gode rekenschap zal geven. maar dat gezag daalt van God op hem af, en kan noch mag deswege ooit tegen God-Zelf aangewend. Zoodra de man zijn gezag over zijn vrouw tegen den Heere misbruikt, is hij zijn gezag kwijt; geldt het niet meer; en is de vrouw er volkomen van ontslagen, ja, mag ze het zelfs niet erkennen. En een vrouw, die gelijk deze zwakke Koningin dit dan toch doet,. en haar man ter wille is in wat gevloekt is voor den Heere, die is geen ,hulpe meer tegenover haar man", maar helpt haar man ten verderve, en zinkt zelve in dat verderf meê weg.
Dat men
;
;
XLI.
De Mebuwe van Maak u
Sarpbatb.
op, Ka henen naar Sarphath die bij Sidon is, en woon aldaar; zie, ik heb daaieene weduwvrouw geboden dat zij XI onderhoude. 1 Kon. 17 9. 1
;
i
:
Niet over het wonder van Elia, maar over de phath is in deze reeks te handelen.
Weduwe van
Sar-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's