Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 14
12
gewoon
gezegend
werd;
den
Patriarch, die zich
lijke
tente,
en
ligt
nog op
door vrouwelijke
liefde
van
er iets liefiijks in het beeld
zijn
ouden dag,
in zijn aartsvader-
en heel een kring van kleine lieve-
lingen omringd zag.
Doch juist daardoor treedt in Ketura de vrouw dan ook in een nieuwe gestalte voor u. Niet als de jonge maagd, die zich in dwepende liefde aan haar bruidegom wijdt; noch als de jonge vrouw, maar als in eigen tente tot zelfstandige positie is gekomen vrouw in haar zorgend en verzorgend karakter. Oók een toewijding, maar een toewijding, waarin het beeld van de vrouw met het die
;
de
van de dochter zich dooreenmengt. Gelijk een oudste dochter ouden vader tot steun zou zijn, zoo was Ketura de verzorgster van den ouden Patriarch, maar tegelijk in echt met hem verbonden. Iets minder poëtisch dus; niet het ideale huwelijk; maar toch een huwelijk, waarin de liefde, minder sterk door den drang der natuur gedragen, in zedelijken zin een hooger karakter aannam. Daargelaten nu nog de vraag, waarvan we niets weten, of Ketura Abraham liefhad om zijn geheel eenige roeping en met hem deelgenoot was van zijn geloof. Doch juist daarom heeft Ketura iets te zeggen voor alle vrouw, die in tweede huwelijk een man ter vrouwe wierd. Denkt men zich den band tusschen man en vrouw als ook in den hemel voortdurende, dan is uiteraard een tweede huwelijk ondenkbaar. Maar reeds het antwoord van Jezus aan de Sadduceën beeld
haar
snijdt deze voorstelling af.
Als broeders en zusters in Christus zul-
eeuwig verbonden zijn, maar niet in huwelijksband; want in den hemel leven ze als Engelen Gods. Uit dien hoofde is zulk een tweede huwelijk dus zeer wel bestaanbaar, mits iiet dan ook dat hooge karakter drage. Niet een samen gaan wonen uit koele berekening. Niet een „botje len
bij
ze
botje"
leggen,
gelijk de
gruwzame
En
taal der berekening zegt.
minder nog een zich huwen, bij gemis aan beter. Neen, er moet toewijding zijn. Toewijding van die hoogere zedelijke orde, waarin liefde zich mengt aan den heiligen drang om voor den verlatene en eenzame een „hulpe tegenover hem" te wezen.
veel
VI. lRebe??F?a,
En ook Rebekka
is
daarvan een bewijs. Roni.
Naast de vorstelijke figuur van Sarah staat beeld van de huismoeder creteekend.
IX
Eebekka meer
:
10.
in het
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's