Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 162
L.
jÊstber-
En
hij was het die opvoedde Hadassa (deze Esther, de dochter zijns ooms), want zij had goenen vader noch moeder; en zij was eene jonge dochter, schoon \<m gedaante en schoon van aangezicht; en als haar vader en hare moeder stierven, had ze Mordechaï zich tot eene dochter aangenomen.
is
Estlier II
:
7.
Esther, de laatste vrouw uit het oude Testament, over wier peren karakter en geschiedenis we iets meer van nabij weten, maakt geen gunstigen indruk. Eer toont ze ons, hoe diep Israël in de ballingschap gezonken was. Ze was, gelijk uit alles blijkt, een beeldschoone vrouwe zoo zelfs, dat toen op last van Ahasvéros de schoonste maagden van Indië tot aan de Middellandsche Zee uit alle landschappen werden saiimgezocht, zij in het oog van den Perzischen vorst den prijs won, hem het sterkst boeide, en als Koningin, in Vasthi's plaats, gekroond
soon
;
werd.
Maar buiten
die uiterlijke vooi'treffelijkheid, is er slechts tweeërdat in haar karakter boeit t. w. haar teedere gehechtheid aan haar oom en opvoeder Mordechaï, en de kloekheid van beleid, waarmee ze tegen Haman optrad. Door deze beide trekken in haar karakter wint ze uw sympathie. Meer dan één, die gelijk Esther onverwacht tot hooge positie opklimt, is laf genoeg, om zijn familie en vi'oegere weldoeners liefst niet meer te willen kennen en het verraadt hoogeren zieleadel, zoo men den moed bezit, om ook dan nog de banden van het bloed en lei
;
;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898
Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's