Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Als gij in uw huis zit - pagina 196

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Als gij in uw huis zit - pagina 196

2 minuten leestijd

184

hun

mond

en

hun

taal

en hun woord en hun lofzang te verliezen, Wie zal u loven in het graf?

en daarom zoo telkens klaagden

Toch kan onze taal Onze menschelijke liefde jegens

:

en dankzegging opgaan. ons ook gegeven om gemeenschap en welwillendheid en ernst onder menschen

niet uitsluitend in lof taal

onzen naaste,

is

om

te oefenen.

Maar

hierdoor ontstaat dan ook de verzoeking. nog een andere verzoeking voor ons menschelijk woord, de vleeschelijke verzoeking om te vloeken en den naam onzes Gods te misbruiken. Een verzoeking, zoo sterk, dat tal van menschen geen tien volzinnen kunnen uitspreken, of er mengt zich een vloek in. Maar

Wel

juist

is

er

We

deze verzoeking laten we thans rusten. spreken thans alleen van de verzoeking die in onze taal onder de menschen ligt. Ook die verzoeking is intusschen weer velerlei. De verzoeking om te vleien, de verzoeking om te liegen, de verzoeking om te tergen en zooveel meer. Maar ook de verzoeking om te haastig in woorden te

en dit vooral wraakt Gods Woord als we in Spreuken 29 20 „Hebt gij een man gezien, die haastig in zijn ivoorden is, van een zot is meer verwachting dan van hem." Vooral tegen deze verzoeking dient dan ook gewaarschuwd, met name in den gewonen huislijken omgang. In het openbaar, op min of meer vreemd terrein, onder menschen met wie men minder gemeenzaam is, bindt men zich van zelf min of meer in. Dan is het spreken meer aan beleefden vorm gebonden. Dan bedenkt men zich, eer men iets zegt. Soms zelfs heeft men dan eer te klagen, dat het woord te traag loopt, dan dat het te haastig zijn,

:

lezen:

uitkomt.

Maar

den gewonen omgang van het huislijk leven, in den kring zich thuis en op zijn gemak gevoelt, als geen vormen ons binden, en het woord vrij kan uitgaan, dan, ja, is de verzoeking maar al te groot, dat het woord den teugel afwerpt, de maat te buiten gaat, en te haastig uitkomt, om in drift, in uitgelaten dwaasheid of in alle perk te buiten gaande gemeenzaamheid, uit te flappen, wat in had moeten blijven, en te maken dat de onnadenkende zich zelven voorw^aarin

in

men

bijspreekt.

nu keert de ordinantie, die God voor de taal, voor uw menschelijk gaf, om. Zijn ordinantie toch is, dat er eerst zou zijn de gedachte, dat daarna die gedachte zich als de ziel in het woord zou beli-

Dit

woord

en chamen. Bij

uw

spreken

moet naar Gods

ordinantie,

uw

hart,

uw

hoofd

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's

Als gij in uw huis zit - pagina 196

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's