Amendement-Kuyper op de Ongevallenwet - pagina 81
75 er een tekort was. 15 December was voorkeur de nieuwe toestand met den l^*^'^ Januari te laten intreden, daar dit de regeling van de premiebetaling voor de werkgevers en voor de Bank vereenvoudigde. De voorsteller dacht dat het vanzelf sprak, dat de Bank niet handelen zou, alvorens zij de laatste der vier in art. 88 bedoelde opgaven in handen had. Nu echter de Regeering zulks wel mogelijk schijnt te stellen, heeft hij de woorden: ,na ontvangst van de vierde in art. 88 bedoelde opgave" ingevoegd. Doch nu moest ook de bepahng van den uitersten termijn vervallen, daar anders de Bank bij de keuze van de vier in art.' 88 bedoelde dagen ten deele gebonden zou zijn. Ook op het mogelijke tekort aan de leden der Vereeniging, en van hunne qualificatie, is thans gelet. Dat het belang van den Staat by het niet storten van eene dekkingsom buiten spel zou blijven, kan met het oog op art. 77 (oud) moeilijk worden toegegeven. Dit artikel toch bepaalt, dat de Staat zonder eenig voorbehoud aansprakelijk is voor de aan de verzekerde werklieden enz. toekomende schadeloosstellingen. Volgens art. 81 (oud), 3^^ lid, kan dan ook het geval zich voordoen, dat de Staat betaalt. En wel wentelt de Staat dat betaalde dan later op het reservefonds en dus feitelijk op de werkgevers af, maar volgens het ontwerp is dan toch de Staat tot betalen gehouden geweest, en blijft hij nomine aansprakelijk. Hij gelooft dus wel, dat de gebezigde uitdrukking zich rechtvaardigen laat en voldeed. Intusschen is het juist dat ook de belangen der overigen niet-aangesloten werkgevers in het spel kunnen komen, en hierin is thans voorzien. Dat ook van het belang der werklieden gesproken wordt, doelt niet op de renteuitkeering die hun c. q. door de Bank verzekerd is, maar op de verkorting van andere hun toegekende rechten. De drie redenen, die genoemd zijn, behoeven niet cumulatief te worden genomen. Met vergadering der leden was bedoeld eene leden-vergadering. Dat zij wettig niet anders dan volgens het in de Statuten bepaalde besluiten kan, spreekt vanzelf. En dat bepalingen omtrent de ontbinding in de Statuten moeten voorkomen, bepaalt art. 71, sub 20. Ondergeteekende ziet dus niet in, dat het gestelde twijfel overlaat. Maar vermits het door de Regeering in overweging gegevene even goed doel treft, heeft hij de forrauleering der Regeering overgenomen. Nu echter kon in lid c eerste zinsnede ^onttrokken" niet wel blijven staan, daar dit niet passen zou bij een „verzoek". Er is daarom „ingetrokken" voor in de plaats gesteld, wat tevens met den eersten regel van art. 95 beter overeenkomt. Hierdoor is tevens de bedenking in het Kamerverslag ondervangen. In lid 2 was zijn, en niet ivaren gezet met het oog op art. 95, 2 lid. Tegen „waren" bestaat intusschen geen afdoende bedenking.
kon beoordeeld worden, of gekozen,
om
bij
De beperking van het eindigen eener BedrijfsvereeniArt. 95. ging tot de twee opgenoemde gevallen is door de invoeging van hetzij., hetzij uitgesproken. Voorts is het „van rechtswege vervallen" bedoeld in art. 67 en art. 86, 9"^ lid thans ingelascht. Faillietverklaring is voor eene Bedrijfsvereeniging een bijna ondenkbaar geval. Aanvrage er toe zal noch door de Vereeniging zelve, noch door de Rijksverzekeringsbank geschieden. De Vereeniging zelve toch bezit, evenals de Rijksverzekeringsbank, in art.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 114 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 114 Pagina's