Als gij in uw huis zit - pagina 130
118
Uw
maagschap vindt ge, uw bijzonderste vrienden hiest ge. Maar beider kring is met uw eigen levenskring als dooreengeweven. Iets wat ge daaraan terstond merkt, dat ge nog wel andere „kennissen" en tot op zekere hoogte „vrienden" hebt, maar met wier huisgezin ge u niet inlaat, terwijl het omgekeerd bij uw maagschap en uw bijzonderste vrienden als regel geldt, dat vanzelf ook hun kinderen met uw kinderen verkeeren,
en het gemeenschappelijk verkeer der gezinnen iets meer persoonlijk, iets anders nog dan een individueel, zoo ge
nog dan een
wilt een soort ^''^'^^^^verband legt.
Doch zich
al is
het, dat die
niet zelden
bewegen,
toch
„maagschap" en
op voet van is
beider
die „bijzonderste vrienden"
over uw vloer gezin een geheel
gelijke vertrouwelijkheid
betrekking
op
u en
uw
verschillende.
De band van „maagschap" werd gelegd huiten uw toedoen, die van zeer bijzondere vriendschap alleen door heuze van het hart. Daardoor ligt de band der maagschap meer in onze natuurlijke, de band der bijzondere vriendschap meer in onze geestelijke levenssfeer. Gevolg waarvan is, dat op de maagschap meer nadruk wordt gelegd, zoolang het leven in uw kring nog op lageren trap staat, terwijl omgekeerd de meer bijzondere vriendschap in waarde klimt, hoe hooger het geestelijk leven klom. Ooms en tantes, neven en nichten heeft bijna ieder, ook wie zelf niets is; maar om „bijzondere vrienden" te hebben, moet ge zoiiiets zijn; iets in u hebben dat aantrekt; iets waaruit een geestelijke band is
te
weven.
Leest ge dan ook de levenshistorie van groote mannen, dan verneemt ge hoogst zelden iets van hun ooms en tantes, neven en nichten, maar te meer van hun geestelijke maagschap, van hun boezemvrienden, van de Jonathans met wie deze Davids mochten verkeeren. En onder wie geestelijk als Gods kinderen hooger staan is het niet anders. Want ook zij eeren wel de banden der maagschap, maar toch hun nauwste banden hebben zij met de broederen in het Koninkrijk. Naar rang gaat de maagschap voor, maar, geestelijk gewogen, wint het deze ^^hij zonder e vriendschap''\
Zult ge nu daartegen inwerpen, dat toch de band der maagschap, de familieband, van God is, en uw vriendschapsband uit uzelven? Maar immers, dan maakt ge een scheiding die onw^aarachtig is, en gaat ge zoo tegen de leer der Schrift als tegen de ervaring van het leven
Of
is
in.
het
niet
zoo,
sympathieke maagschap, voor die beide danken
dat
èn zal,
wie in
en
in
beide
rijk
mag
zijn,
hooggestemde vriendschap,
Hem
zal
èn
in
zijn
een
God
eeren als de Fontein van
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's