Amendement-Kuyper op de Ongevallenwet - pagina 98
92 Art. 84.
De rente, toegekend aan een verzekerde, die, toen hem een ongeval trof, bij het lid eener Bedrijfsvereeniging werkzaam was, of aan diens nagelatene betrekkingen, is verschuldigd door de Rijksverzekeringsbank, evenals in art. 22, eerste lid, ten opzichte van de overige verzekerden bepaald is, en op den voet als in art. 26, eerste en derde lid, is voorgeschreven. Art. 85.
Indien een verzekerde, aan wien wegens gedeeltelijke ongeschiktheid tot werken eene rente is toegekend, in dienst blijft bij den werkgever, in wiens onderneming hem het ongeval trof, of overgaat in den dienst van een ander lid der Bedrijfsvereeniging, waarbij zijn werkgever was aangesloten, en hij als zoodanig een loon ontvangt, dat, bij zijne rente gevoegd, ten minste gelijk bedrag uitmaakt, als zijn dagloon, en dit bedrag van rente en loon later gelijken tred houdt met het loon van soortgelijken werkman in dezelfde, of, waar deze ontbreekt, in soortgelijke onderneming, keert op zijn bij schriftelijke kennisgeving daartoe kenbaar gemaakt verlangen, mits gepaard gaande met de verklaring, dat hij bij een lid der Bedrijfsvereeniging werkzaam is, en het alsboven vereischte loon geniet, de Rijksverzekeringsbank bet bedrag zijner rente uit aan Bedrijfsvereeniging of haar lasthebber, en wordt de rente door de Bedrijfsvereeniging óf haar lasthebber aan den rentetrekker tegelijk met zijn loon uitbetaald. Het in het vorig lid bepaalde gaat in op den eersten vervaldag der rente na den dag, waarop bij het Bestuur der Rijksverzekeringsbank de in het eerste lid bedoelde schriftelijke kennisgeving, met de daarbij behoorende verklaring, is ingekomen. Is de laatstbedoelde dag een Maandag, als dan op den tweeden vervaldag. Het Bestuur der Rijksverzekeringsbank stuit de in het eerste lid bedoelde uitkeering aan de Bedrijfsvereeniging, indien van den betrokken verzekerde eene schriftelijke verklaring is ingekomen, dat hij zijne gedane kennisgeving intrekt, of indien haar blijkt dat de in het eerste lid gestelde voorwaarden voor de geldigheid dezer kennisgeving niet aanwezig zijn. De termijnen van rente worden alsdan van den eersten vervaldag, gerekend als in het vorige lid bepaald is, aan den getroffene zelven uitbetaald. Het bestuur der Rijksverzekeringsbank gaat na de in het vorig lid bedoelde stuiting zoo spoedig mogelijk tot herziening van de aan den betrokken werkman toegekende rente over. Art. 86.
Het bedrag der waarborgsom, bedoeld
in art. 67 (nieuw), achtste
wordt gevonden, door de loonbedragen, in het vierde lid, sub 3o., van dat artikel bedoeld, voor eiken werkgever afzonderlijk, te vermenigvuldigen met het cijfer der premie, hetwelk op het tarief, bedoeld in art. 43, is aangewezen voor het hoogste gevarenpercentage der gevarenklasse, waaronder het door hem uitgeoefende bedrijf gerangschikt is, en deze uitkomsten bijeen te tellen. Het bedrag der waarborgsom wordt, ook al wordt beroep ingesteld, door de Bedrijfsvereeniging, vóór den in het achtste lid van
lid,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 114 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 114 Pagina's