Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Als gij in uw huis zit - pagina 166

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Als gij in uw huis zit - pagina 166

3 minuten leestijd

154 Rusten moeten we van onze zondige werken. Rusten mogen we op den Sabbat van onze slaafsche werken, om rijker geestelijk bezig te zijn. En ook na den dood zullen we rusten van onzen aardschen arbeid maar altoos te werken is en blijft de roeping, die we in onzen adelbrief als mensch van onzen God ontvingen. En de uitkomst leert dan ook, dat een volk, dat een gezin, dat een ;

die werkt, gelukkig is; maar dat lediggang een volk ten onder brengt, een gezin ontzet en uw persoonlijk leven ontzenuwt. En toch blijft er ook zoo een aanmerkelijk verschil bestaan tusschen hem die tot den Christus bekeerd is, en dengene die nog omdoolt buiten

persoon,

Heiland. Vooreerst natuurlijk hierin, dat een bekeerd mensch, die den luiaard speelt en zijn dagen in ijdelheid doorbrengt, veel schuldiger voor zijn zijn

God staat. Maar dat

spreekt zoo vanzelf, dat er nauwelijks op behoeft gewezen worden, ook al zullen heel wat belijders, en vooral belijderessen van den Heere, goed doen, dat ze ook hierop merken. Edoch er bestaat nog een ander verschil, en dat verschil grijpt veel dieper in. Het is namelijk hierin gelegen, dat de onbekeerde werkt om de spijze die vergaat, en dat de bekeerde althans werken kan om de te

het eeuwige leven. zoodanig werkt, en moet werken, om brood te hebben, om met het alzoo verkregen brood zijn leven te onderhouden. Hij staat in de vernedering. Hij weet wel, dat zijn lichaam in waardij ondergeschikt is aan zijn ziel; maar toch, schier heel zijn leven gaat op in de zorge om dat lichaam te voeden en te onderhouden. Dat zet men thans wel in geld om, maar dit maakt geen verschil. In schier elk huisgezin gaat bijna al het geld, dat inkomt, aan het lichaam op. Om te wonen, om het lichaam te bekleeden, om het lichaam in stand te houden. Zoo werkt men om loon, men werkt om geld, om voor dat geld brood en kleedij te koopen, en de regel des levens blijft nog altoos voor de millioenen en nogmaals millioenen van ons geslacht: „In het zweet uws aangezichls zult gij brood eten." Die ordinantie is Gods ordinantie voor den zondaar, en de menschheid spijze,

die

blijft

De zondaar

ontkomt

tot in

als

er niet aan.

Want wat men

toch velen, die in hoogen stand leven, is ten deele onwaar. Arbeiden met den geest is ook arbeid. Veel zwaarder arbeid zelfs. En als er storm opkomt op zee, en de lichtmatroos bij het huilen van den wind in het want moet om de zeilen te reven, terwijl de stuurman rustig op de brug staat, zal toch niemand zeggen, dat nu wel die matroos arbeidt, zegt,

dat

niet voor

hun brood arbeiden,

maar

stuurman

die

niet.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's

Als gij in uw huis zit - pagina 166

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's