Als gij in uw huis zit - pagina 292
280
En toch schoot God kwam tot
er een scheute op uit de dorre aarde.
ons.
Een maagd
is
zwanger geworden. En zoo „Immanuël", haar
ontving de wereld haar „God met ons", haar Heiland, die haar redden zou van den dood.
Ook onder menschen pleegt men Men weet hoever zelfs een man als
zulke geslachtregisters te
maken.
Bilderdijk ten dezen in ijdelheid
verliep.
We
zeggen
Want
in
ijdelheid.
is het goed en kostelijk, dat men zijn verleden eert, en waarde hecht aan wat ook in de dooreenstrengeling der geslachten ligt. Maar de ijdelheid schuilt hierin, dat men zulke geslachtregisters bijna uitsluitend opmaakt, om aan te toonen van wat hoog e familie men is, met wat groote historische figuren men verwant is, en in hoe hooge oudheid men den oorsprong van zijn geslacht kan nawijzen. Dat kunnen dan anderen zoo niet. Zelf kan men het wel. En alzoo strekken die geslachtregisters om zich zelven uit te zonderen, als behoorende tot een soort hoogere familie. En zoo nu moest het niet zijn. In elk geslacht moest men een geslachtboom in zijn Bijbel hebben^ Hem, en dat geslachtregister moest om Gods wil opgeteekend. voor wiens oog een daglooner niets minder is dan een prins uit koninklijken bloede; en wiens zorge gaat over de opeenvolgende geslachten van arm en van rijk. het verbond Gods moest men zijn geslacht opteekenen, en dat Boek des geslachts de heugenis bewaren, niet meest van de hooge titels en kwartieren die menschelijke ijdelheid gevormd had, maar veel meer van wat Gods genade en Gods gunste gewrocht had, om zulk een geslacht geestelijk te verrijken, en, als zegen in het uitwendige, het van niets tot iets te maken. Zooals thans die geslachtregisters zijn, prikkelen ze meest den menschelijken trots en gaan ze buiten Gods bestel en de eere zijns naams om. Mattheus' eerste Zoo heel anders dan dit Boek des geslachts kapittel, w^aarin ge den mensch in zijn zonde en in zijn kleinheid van geslacht op geslacht nu eens ziet klimmen als er vreeze Gods was, en dan w^eêr ziet dalen als de vreeze Gods week, om in het eind de hemelen te zien scheuren, en van den troon der genade het Heil te zien neerkomen, waarvoor dit geslacht van Abraham en David in Gods raad gediend heeft.
band
natuurlijk op zichzelf
aan
het
Om
Om
m
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's